Door geen gebed te misleiden

Heilig Land Stichting, Rijksmonument 523616 Bergrede, groep van 11 reliefs, reli-art van Piet Gerrits Reliëf 9: De farizeeër en de tollenaar

Vorige zondag waren de lezingen een aansporing om ons bidden vol te houden, ook al word je niet onmiddellijk gehoord en verhoord; bidden moet je dus niet te vlug opgeven. Vandaag hoorden we hoe de lezingen ons vragen, bescheiden te blijven in ons bidden. Je moet je plaats kennen, zoals de tollenaar, en niet bij God voorop willen staan, zoals de farizeeën .

Het woord ‘farizeeër’ betekent volgens deskundigen ‘afgezonderde’. En inderdaad: hij zondigde zich af van Gods wet, en was stipt in de leer. Ze deden meer dan moest en dat maakte hen zelfvoldaan. ‘ God, ik dank U dat ik niet ben zoals de rest van de mensen, rovers, onrechtvaardigen en echtbrekers’. Zo zetten ze zich af tegen hen die niet zo stipt zijn, het niet zo nauw nemen. Om zijn deugdzaam leven meent de farizeeër recht te hebben op goddelijke beloning. Maar zó is God niet, Hij is niet te koop, beloont geen prestaties! Dat voelt de tollenaar beter aan, Hij kent zichzelf en bidt bescheiden om Gods barmhartigheid. Hij verdient het eigenlijk niet, maar toch: ‘wees mij zondaar genadig’.

‘Het gebed van de arme dringt door de wolken heen’ zegt de eerste lezing. En het gebed van de tollenaar is het gebed van zo’n arme. Hij gelooft in Gods liefde , ook al heeft hij die niet verdient. God is als een vrouw/een man die onvoorwaardelijk van je houdt en je niet laat vallen.

In de Volkskrant stond eens het verhaal van een Zeeuws meisje dat een kind kreeg van een Turkse man. Zij behoorde bij een strenge protestante kerk op één van de eilanden. Maar om de mensen te ontlopen die zeiden: ‘wat doe jíj nog in de kerk?’, ging ze achterin zitten. En vóór het einde van de dienst stond ze op en liep naar het portaal om de zegen af te wachten. ‘Dan kan ik als eerste weg zijn’, zegt ze in het interview. Met haar Turkse vriend praat ze veel over het geloof. ‘Ik blijf christelijk en zal mijn zoontje ook zo opvoeden. Mijn vriend heeft daar niks op tegen. En elke avond als ik mijn zoontje naar bed breng, bid ik met hem’. Tot zover het verhaal….

Wat zou Jezus hiervan zeggen? Ik denk: ‘Deze jonge moeder ging gerechtvaardigd naar huis, en niet degenen die op haar neerkeken en vooraan in de kerk zaten’. Het gaat hier niet om een zwart-wit tekening van de farizeeër en de tollenaar. De farizeeër mag zich best goed voelen in zijn geloof.

God heeft respect voor zijn toewijding in geloofszaken, maar Hij heeft er een hekel aan als ze zich daardoor verheven voelen boven anderen. De tollenaar is niet zo’n lieverdje. God heeft een hekel aan zijn gemene streken, maar Hij heeft respect voor als er één zijn fouten toegeeft en om vergeving vraagt.

Vorige week vroeg het Evangelie aan degene die bidt, vol te houden. Vandaag wordt van gelovige bidders gevraagd bescheiden te blijven.

Joost Koopmans osa (naar: Cees Remmers), 27 oktober 2019

Dit bericht is geplaatst in Nieuws, Overwegingen. Bookmark de permalink.

Geef een reactie