‘God is altijd soms’

Alziend_oog_Sint-Jan

Plafondschildering ‘Alziend oog’ middentoren in de Sint-Janskathedraal (‘s-Hertogenbosch)

Johannes 3, 16-18 (Exodus 34, 4-6 en 8-9)

Het gaat vandaag over de manier waarop christenen hun God onder woorden brengen. Dat is een riskante onderneming, want in de waan van God is heel veel goeds gedaan, maar ook heel veel kwaad, vooral door hen die precies meenden te weten wie God was en wat Hij wilde.

God is en blijft namelijk een geheim, dat niemand kan ontrafelen.En als wij God Vader, Zoon en Heilige Geest noemen, zijn dat meer drie manieren om dat ene grote geheim onder woorden te brengen.

Als mensen zich verdrietig voelen, bang zijn en zich geen raad weten, als wij ons klein voelen als een kind, zoeken we een vader, een helpende hand, iemand die naar ons luistert. Zo hoorden we hoe Moses, toen hij met zijn volk geen kant meer op kon, zoals een kind aan zijn Vader om hulp vroeg. En zo leerde Jezus ons ook bidden: ‘Onze Vader………..’
— Vader is de God die luistert naar ons;
— De Zoon is Gods antwoord aan ons;
— De Geest is Gods kracht in ons.

Vroeger hing er thuis nog weleens een driehoek met het Alziend Oog, zoals nu nog hoog in de koepel van de Bossche St Jan. God als iemand die alles in de gaten hield en je gedachten las. Tegenwoordig is God meer een gebeuren, wat je niet in woorden kunt uitdrukken, maar je soms overkomt. ‘God is altijd soms’, zo schreef dichter Bertus Aafjes die in 1993 overleed en bekend werd van zijn voettocht naar Rome. Uit zijn gedicht citeer ik:

‘God is altijd soms. Hij is niet zus of zo. Hij is altijd soms.
Hij zit niet op een troon van chroom of nikkel……..
soms zit hij in een oude perenboom en merelt,
soms staat hij op zijn hoofd in een klein kind.
God is altijd soms’.

(Tot zover het citaat van Bertus Aafjes.)

Soms zie ik hem in een glimlach van zomaar iemand die me passeert, of in een tedere hand van de verpleegster op de wang van een zieke. Ik zie hem waar compassie is, barmhartigheid en mededogen.

Maar God wordt soms voor ’t karretje gespannen van religieuze fanatici die oproepen tot heilige oorlog of zuivere leer. ‘Het is Gods wil dat ….’ roepen ze dan; maar het is hun eigen wil die ze God in de schoenen schuiven.
En soms ook lijkt God nergens, en voelen mensen zich in de steek gelaten, zoals afgelopen week bij de moord op Romy en Savannah. Waar was God? Wat we van de christenen in Bunschoten kunnen leren is dat ze in deze afschuwelijke situatie blijven vasthouden aan hun relatie met God.

Bij ‘Jinek-laat’ hoorde ik het de predikant zeggen op 2de Pinksterdag: ‘Wij hebben geen antwoorden op die gruwelijk moeilijke vragen die als vanzelf komen opzetten. Maar door samen te komen, door te bidden en uit de bijbel te lezen, vinden we troost. We leven in een onvolmaakte samenleving en ook God huilt hierom. We laten Hem en elkaar niet vallen als iets onbegrijpelijk is.
Dat geeft ons kracht om door te gaan! ’

Joost Koopmans osa, 11 juni 2017

Dit bericht is geplaatst in Nieuws, Overwegingen. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *