Liefde, zo oud, zo nieuw

Lezingen: Doe alles uit liefde (uit een preek van Augustinus), Johannes 13, 31-35 (Een nieuw gebod)

Liefhebben is zo oud als de mensheid. Het nieuwe element dat Jezus eraan toevoegt is: “Heb elkaar lief, zoals ik jullie heb liefgehad.” En hoe hij ons heeft liefgehad, dat weten we. Hij waste zijn leerlingen de voeten, met andere woorden: hij nam het vuil in eigen handen, en gaf zijn leven voor zijn vrienden, ook al liet hún trouw soms te wensen over. Jezus maakt het gebod van de liefde nieuw en levend door het in zijn eigen leven helemaal te volbrengen: voor zijn weerbarstige leerlingen en voor mensen buiten zijn kring. Daar gaan we zo meteen verder op in.

Overweging

Hij zit aan tafel met zijn beste leerlingen voor een Paasmaal. Allerlei verwikkelingen spelen zich rond zijn persoon af: Jezus van Nazareth. Judas nam nog een stuk brood van hem aan en gaat dan weg om hem over te leveren aan de hogepriesters. En Petrus die zo hoog van de toren blies dat hij zijn leven wel wilde geven voor zijn leermeester, zal hem die nacht nog drie maal verloochenen. Verraad en verloochening door degenen die je het meest nabij zijn, die je als je vrienden ziet. Ook zij zijn gewoon mensen met hun sterke, maar ook hun zwakke kanten, mensen zoals wij: niet heilig-van-huis-uit, maar leerling.

Met deze mensen zit Jezus dus aan tafel. Hij wil hen graag een nieuw verbod meegeven: dat ze elkaar moeten liefhebben. Eigenlijk zou dat toch vanzelfsprekend moeten zijn voor vrienden onder elkaar. Ze zijn toch gelijkgestemden die zich bij Jezus hebben aangesloten? Als zij, de meest intieme relaties van hem, elkaar onderling liefhebben met de liefde die hij hen heeft voorgeleefd, dan moet het voor de buitenwereld duidelijk zijn dat dit zijn leerlingen zijn. Aan de vruchten ken je de boom, aan de leerlingen de meester. In dit opzicht is deze scène aan de avondmaaltijd niet alleen een terugblik op wat er toen zo vlak voor Pasen gebeurde, het gaat niet alleen over de leerlingen van toen, maar ook over leerlingen door de eeuwen heen, leerlingen zoals ook wij vandaag de dag nog willen zijn: mensen die zich één van hart en geest bij hem willen aansluiten. En in de mate dat wij zijn liefde uitstralen, zullen we herkenbaar zijn als zijn gemeenschap.

Nogmaals: dit lijkt allemaal vanzelfsprekend. We willen immers allemaal wel een kerk, een wereld, een familie, een gezin waarin mensen om elkaar geven, van elkaar houden. Daarom wordt deze evangelietekst over het bewaren van de onderlinge liefde bijvoorbeeld nogal eens gekozen in uitvaartdiensten. Een vader of moeder die overlijdt, zou graag zien dat hun kinderen elkaar niet in de steek laten, dat ze als broer en zus van elkaar blijven houden.

Echter er woont niet alleen liefde in je hart, maar ook angst, boosheid, drift en onzekerheid. Daarom zijn gezinnen verdeeld, hebben buren ruzie, vechten landen gewapende conflicten uit. En ook de kerkgemeenschap straalt nu bepaald niet altijd de christelijke liefde uit! Wat de officiële kerk betreft, is het vaak eerder een, op vele punten, wereldvreemde leer en moraal die als meetlat wordt gebruikt voor het leerling-zijn van Jezus. En de laatste tijd horen we meer dan ons lief is, over herders die huurlingen blijken te zijn. Maar ook het gekrakeel aan de basis, rivaliteiten van groepjes en individuen onder elkaar, schaden het gezicht van de geloofsgemeenschap.

Liefde: zo oud, zo nieuw!

Het zou echt een nieuwe opdracht zijn als daarvoor (voor de meetlat van stammoraal en voor het krakeel) liefde in de plaats kwam. Als de kerk zich dienend en helpend zou opstellen ten aanzien van de vragen en verlangens van al degenen die ook in onze tijd graag leerlingen van Christus willen zijn of blijven, maar dat op de traditionele manier niet meer kunnen.

Als mensen elkaar helpen in hun primaire materiële middelen, dichtbij en veraf. Natuurlijk streven we na de creditcrisis weer naar economische groei, maar voor christenen zou het devies moeten gelden: “Eerst delen en dan pas verder groeien”. Economisch gezien zal dit wellicht naïef klinken, christelijk gezien een nieuwe opdracht! Als de kerk zich zo weer dienstbaar zou maken, zou ze herkenbaar zijn als een gemeenschap waar de liefde en inspiratie van Jezus werkzaam is.

Hoe dan ook, het zijn altijd de concrete mensen die het in het leven van iedere dag moeten doen. De top van een organisatie is nu eenmaal log, vernieuwing komt altijd van de basis.

Daar ligt dan ook de kans voor de Boskapel, zoals ook is opgemerkt door de respondenten van de SWOT-analyse van het bestuur. Als wij te midden van een toenemend behoudend beleid, trouw blijven aan het vernieuwingsproces dat de augustijnen hier bij de opening van de kapel in 1963 op gang hebben gezet, bieden wij de geseculariseerde Godszoekers een alternatief. En dat niet om modern te doen, maar omdat we trouw zijn aan de herwonnen kerkbeleving van Gods volk onderweg. Deze herwonnen kerkbeleving is het gevolg van de doorwerking van Augustinus’denken over kerk-zijn.

In zijn boek over de volgelingen van Augustinus schrijft Martijn Schrama osa: “Op augustijnse werkplekken ligt de nadruk op de gemeenschap: mensen betrekken bij hun kerk, hen vormen om zich er thuis te voelen en er verantwoordelijkheid voor te dragen; kerkvorming als communio, waarbij de inspiratie van Augustinus om gemeenschap op te bouwen en vriendschap te sluiten een grote rol speelt.”

Ik eindig met een citaat uit een mail die de liturgist Andries Govaart mij stuurde. Hij blijkt de ontwikkelingen van de Boskapel goed te volgen: “De Boskapel heeft een halve eeuw lang een eigen plaats in kerkelijk Nederland, aanvankelijk in het centrum van de vernieuwingen, nu op de rand van de officiële kerk, maar ook weer als inspiratiebron voor religieuze en christelijke zoekers en vinders.”

Ik voeg er nog aan toe: Zullen wij het redden op die rand? Mijn antwoord: als we de onderlinge liefde maar bewaren, zoals we daar vandaag over spreken en zingen, want deze liefde is het kenmerk van een christelijke gemeenschap.

Dat we vooral hierin mogen groeien!

osa

Dit bericht is geplaatst in Overwegingen. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *