Augustijnse spiritualiteit

AugustinusDe orde van de heilige Augustinus (OSA) is ontstaan in Midden-Italië uit leken die als kluizenaars bij elkaar leefden, meestal volgens de regel van Augustinus. Paus Alexander IV bracht in 1256 de vele groepen in één verband samen: de orde van St. Augustinus. Hij nodigde hen uit aan de stedelijke zielzorg te gaan deelnemen. Om deze goed op peil te houden studeerden ze aan de universiteiten. In Nederland bestonden al in de 13e eeuw augustijnenkloosters in Maastricht, Dordrecht en Middelburg.

Later kwamen er nog kloosters bij, maar door de reformatie gingen ze weer verloren. Vanuit België werd jaren later de Nederlandse Augustijnen Missie opgericht; zo komen er bijvoorbeeld ook Augustijnen naar Nijmegen in de 17e eeuw. De Augustijnenstraat herinnert daaraan. Maar pas in 1895 worden de verschillende conventen verenigd in een eigen Augustijnenprovincie, nu ruim 100 jaar geleden.

Activiteiten

In die honderd jaar zijn de Augustijnen erop uit getrokken om vrucht voort te brengen. Genoemd kunnen worden de zielzorg en het middelbaar onderwijs in de grote steden; wetenschappelijk onderwijs en onderzoek; het Labrewerk voor thuislozen; Nederlands Schriftelijk Studiecentrum in Culemborg; Vormingscentrum in Witmarsum; missies in Bolivia en Irian Jaya en een klooster in Frankrijk.

Nijmegen

Tegelijk met de komst van de Katholieke Universiteit in Nijmegen stichtten de Augustijnen daar een klooster aan de Graafseweg met een eigen theologische opleiding en met het recht van een eigen openbare kapel. In de volksmond werd dit al gauw “het houtere kapelleke” genoemd, bekend om het “vissersmiske” op de vroege zondagochtend en de gezongen vespers op zondagavond die vaak door de KRO werden uitgezonden.

In 1963 werd deze houten noodkapel vervangen door de Boskapel die een breuk vormt met het traditionele denken over kerk, liturgie en kerkebouw. Van alle kanten uit Nederland èn uit het buitenland kwamen mensen de nieuwe liturgie die zich uitte in tekstgebruik, muziek en vormgeving. “De eenvoud en mensnabijheid van de liturgie is ons niet opgevallen als iets bijzonders maar als iets dat inherent was aan trouw aan onze religieuze ontwikkeling” is ergens te lezen in een bezinning op die tijd.

Cultuurbreuk

Die ontwikkeling bracht ook een breuk in het traditionele kloosterleven. Naast nieuwe vormen van religieus leven hielden velen het voor gezien, terwijl er nog maar weinig jongeren toetraden tot de Augustijnse gemeenschap. In 1969 deed ik als voorlopig laatste Augustijn, mijn professie. We vormen nu dus een ouder – en kleiner – wordende gemeenschap.

Naast een Augustijns Instituut dat als doel heeft de belangstelling voor en de bestudering van Augustinus’ spiritualiteit te stimuleren, kunnen we op pastoraal terrein voor de naaste toekomst maar drie centra handhaven: de Paterskerk in Eindhoven, de Citykerk van Utrecht en de Boskapel in Nijmegen.

Boskapel

In de Boskapel zetten we op zondag de eenvoudige en mensnabije liturgie voort. Dit blijkt nog steeds een brede kring aan te spreken die op zoek in naar geloven in de wereld van nu.

Door de week kloppen kerkontheemde en geseculariseerde mensen bij ons aan. Zij vragen om een aangepaste viering bij een hoogte- of dieptepunt in hun leven. In gesprek met hen zoeken we naar een eerlijke en goed vorm van dit levensmoment.

Toen we in 1990 met acht Augustijnen een nieuw huis naast de Boskapel betrokken hebben we het ABC opgericht: het Augustijns Bezinnings Centrum, dat in het voor- en najaar leerhuisbijeenkomsten organiseert rond ontwikkelingen op theologisch en filosofisch gebied en rond kerkelijke en maatschappelijke hete hangijzers. Zo werden er bijvoorbeeld in 1995 drie avonden georganiseerd rond alternatieve uitvaarten. Een andere activiteit die we samen dragen is het beoefenen van een stukje gastvrijheid. Met name vermeld ik hier de ochtenden voor religieuzen die we zes keer per jaar organiseren. Zusters en broeders uit verschillende ordes en congregaties ontmoeten elkaar al acht jaar in gebed en gesprek rond thema’s als geloofsontwikkeling, persoon en gemeenschap en de bisschoppensynode over het religieuze leven.

Spiritualiteit

Zo proberen we hier, ook nu de orde zich officieel heeft teruggetrokken, via liturgie, vorming en gastvrijheid gestalte te geven aan een uitnodigende, menselijke kerk in de geest van Augustinus. Een geest die er op neerkomt dat wij kerk met elkaar willen beleven op basis van vriendschap: je niet opstellen tegenover of boven elkaar, maar in elkaar God eren; mensen geen voorwerp van zielzorg, want sámen zijn we christen, en pas daarna worden de taken verdeeld. Augustinus zegt het kort en bondig zó tot zijn gemeente: “Ik wil niet gered worden zonder u!”

Zo hoopten we samen met andere klooster- en abdijkerken een tegenwicht te kunnen bieden temidden van het, grofweg gezegd, restauratieve roepingenbeleid van bisdommen, waardoor de afstand tussen “clerus en kerkvolk” weer groter wordt. En we hopen dat de zelfstandige Boskapelgemeenschap laat zien, dat het zó doorgaat.

Joost Koopmans

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *