Driekoningen

Matteüs 2, 1-12, Jesaja 60, 1-6

De drie koningen hadden geen idee waar de ster hen naartoe zou brengen, maar ze hadden zoveel vertrouwen dat ze toch maar de meest waardevolle cadeaus hebben meegenomen. En nadat ze bij de stal waren aangekomen, ‘reisden ze via een andere route terug’. — Als Boskapelgemeenschap zullen we dit jaar ook heel andere wegen gaan, en die nieuwe wegen gaan we vol vertrouwen.

De drie koningen hadden geen idee waar die ster hen naartoe zou brengen. En toch raakte de ster bij hen een diep verlangen. Ik weet niet of zij de geschriften van Jesaja kenden, maar het verlangen dat Jesaja in onze eerste lezing beschrijft, dat heb je ook zonder bijbelkennis: ‘Sta op en schitter, je licht is gekomen, over jou schijnt de luister van de Heer. Duisternis bedekt de aarde en donkerte de naties, maar over jou schijnt de Heer.’

Augustinus zegt: ‘God licht op in mensen’, en we hebben met kerst gevierd dat God in mensen geboren wordt, om in jou te schitteren en te stralen. En of de koningen nu gelovig waren of niet, toen ze de ster eenmaal gezien hadden, hadden ze er alles voor over om deel uit te maken van dat licht. ‘Sta op en schitter, je licht is gekomen’.

Dan mogen de kerken in Nederland nog steeds afkalven, maar het verlangen in onze samenleving wordt steeds groter. Het verlangen naar ‘sta op en schitter, je licht is gekomen’. Mensen noemen het misschien anders, en ze beschrijven het al helemaal niet meer met kerkelijke bewoordingen, maar het verlangen dat er een ster moge oplichten groeit met de dag. Een ster die je verder doet kijken dan alleen de feiten en het maakbare. Een ster die je weer doet zien dat je leven meer is dan alleen jouw geploeter tussen geboorte en dood. Een ster die je weer de ogen opent voor het overstijgende in jouw leven. — Als kerkgemeenschap hebben we geen andere taak dan die ster te volgen. En in het Stadsklooster zullen we dat dit jaar doen samen met al deze mensen die net als wij uitzien naar die ster.

De koningen zien die ster opgaan en ze gaan op weg. Laten we gaan, we weten niet waar naartoe, al komen we uit bij een stal, dan nog laten we gaan. En laten we alles meenemen: goud, wierook en mirre. Goud staat voor al je materiële rijkdom en mogelijkheden. Wierook staat voor al je geloof. En mirre, met mirre werden de doden gebalsemd voor hun weg naar de andere wereld; mirre staat voor je verlangen om het tijdelijke en stoffelijke te overstijgen. Kortom, ze gaan op weg, en hun vertrouwen is zo groot dat ze echt álles meenemen; hun hele hebben en houden, hun hele zijn en ook nog hun aandeel in het overstijgende.

Hoe ga jij het nieuwe jaar in? En nu bedoel ik niet of je goede voornemens hebt. Nee, ik bedoel: doe je het als de drie koningen? Waag je het erop? Durf je te vertrouwen? En neem je alles mee, je hele hebben en houden, wat je bent en wat je overstijgt? — Dat de drie koningen meteen goud, wierook en mirre meenemen lijkt op het eerste gezicht misschien naïef, maar kan het anders? Natuurlijk loop je het risico dat je vertrouwen beschaamd wordt, maar zonder goud, wierook en mirre in je bagage weet je zeker dat het niets wordt.

Op hun weg komen ze bij Herodes. Terwijl de ster op een steenworp afstand staat te schitteren, heeft hij hem gek genoeg nog niet gezien. Maar Herodes is ook niet van het licht. Als jaren later zijn dochter Salome op zijn verjaardag voor hem danst, is hij zo bekoord dat hij tegen haar zegt: ‘vraag me wat je maar wilt, en ik zal het je geven.’ Salome vraagt het hoofd van Johannes de Doper. Ze wil het hoofd van degene die als geen ander naar het licht verwijst. En zonder blikken of blozen maakt Herodes deze drager van het licht een kop kleiner.

En als zijn collega-koningen op weg naar het licht bij hem komen, ziet hij de ster nog steeds niet. Beste Herodes, had maar uit het raam gekeken. Was maar de straat op gegaan en had gezien hoe je onderdanen snakken naar licht, naar ’sta op en schitter’. En was dan meegegaan. Dan hadden we vandaag wellicht ‘vierkoningen’ kunnen vieren. — Maar in plaats daarvan keert Herodes zich juist naar binnen. Hij roept zijn adviseurs bij elkaar, en ook die kijken niet naar buiten. Ze kijken niet naar hoe de mensen verlangen naar een ster die ons weer verbindt met wat ons overstijgt, nee, ze kijken in de boeken, ze kijken naar de leer. —

Op hun advies stuurt Herodes de koningen naar Bethlehem. Maar hij gaat niet mee. Want stel dat de missie mislukt, stel dat we uitkomen bij een stal, dan kan ik naar mijn koningschap fluiten. En andersom, stel dat de missie wel slaagt, en we komen daadwerkelijk bij de ‘pasgeboren koning van de Joden’, dan ben ik mijn koningschap ook kwijt. Nee, laat de drie koningen het maar uitzoeken, dan kan ik altijd nog zien wat me te doen staat. ’Stuur mij bericht zodra u het kind gevonden hebt, zodat ook ik erheen kan gaan om het eer te bewijzen’. Maar ondertussen laat hij al voorbereidingen treffen voor de kindermoord van Bethlehem.

Ons evangelie eindigt — wellicht ten overvloede — met: ‘Nadat ze in een droom waren gewaarschuwd om niet meer naar Herodes terug te gaan, reisden ze via een andere route terug naar hun land.’ Maar die droom hadden ze niet meer nodig. Ze wisten het al lang. Als je geen vertrouwen hebt, als je niet je hele hebben en houden in de weegschaal legt, als je er niet in gelooft, en als je niet toegeeft aan je verlangen dat het licht ook door jou wil schitteren, dan maakt het licht geen kans.

De drie koningen komen bij de stal, die onder de ster helderder straalt dan welk paleis dan ook. En met hun hele hebben en houden, met hun geloof en met hun verlangen, met hun goud, wierook en mirre gaan zij op in het licht. ‘Sta op en schitter, je licht is gekomen.’ — En vanaf dat moment neemt hun leven ook letterlijk een ‘andere route’, nooit meer zullen ze anders kunnen dan nieuwe wegen gaan.

Laten wij met de koningen meegaan. Laten we met al ons goud, wierook en mirre nieuwe wegen gaan. Moge 2019 zo een zalig nieuw jaar worden.

Ekkehard Muth, 6 januari 2019

Dit bericht is geplaatst in Nieuws, Overwegingen. Bookmark de permalink.

1 Reactie naar Driekoningen

  1. Theo Thier schreef:

    Een mooie nieuwjaarsoverweging!

    Ook helemaal toegespitst op de huidige situatie van onze Boskapelgemeenschap.
    Een hart-onder-de-riem en een steun in de rug; mooi gezien binnen het kader van de Drie Koningen, of is de term Drie Wijzen hier beter op zijn plaats?

    Tja, het licht heeft ook maar een beperkte sterkte; zeker dat van sterren. Maar het komt wel van heel ver.

Geef een reactie