De dodelijke cirkel doorbreken

Lezing 1 : 1 Samuel: Saul en David.

Evangelie: Lucas: 6, 27-38 : Bemin je vijanden

Wat een vervelende tekst, vandaag weer, in het Evangelie: je vijanden beminnen….. goed zijn voor wie je haten…. zegenen wie je vervloeken. Zo’n levenshouding is toch volslagen onmogelijk!

Inderdaad: als je deze teksten dogmatisch leest, als geboden die je worden opgelegd, als morele eisen, dan roepen ze innerlijke weerstand op, dan slaan die teksten je dood. Maar zo zijn ze niet bedoeld. Dit zijn meer profetische teksten van Jezus waarin Hij een weg wijst hóe de kring van haat tegen haat, geweld tegen geweld, te doorbreken. Je moet ze, zegt de exegeet, narrisch lezen. Zoals de nar aan het hof de enige was die, middels scherpe grappen, mocht ingaan tegen de heersende opvattingen van de koning, zo gaat het Evangelie in tegen de gebeitelde opvatting van oog om oog en tand om tand.

Er moet toch een uitweg zijn uit een oorlog, een ruzie, een richtingenstrijd die alleen verliezers kent en soms ‘over lijken gaat’?
Die weg wordt ons vandaag gewezen in de gulden regel: ‘behandel anderen zoals jezelf behandeld zou willen worden’. En wie wil niet graag welwillend en mild behandeld worden bij spanningen en conflicten, bij ruzies waar sprake is van onrecht en gekwetstheid? Als een ander mij mild benadert, word ik zacht van binnen. Pas dan kan ik iets aan mijn vijandsdenken doen en komt er vrede in het vizier. ’ Nou’ zegt Lucas vandaag, ‘begin jij er dan mee, om zó degene die tegenover je staat, te benaderen’.

Het verhaal van Saul en David is daar een goed voorbeeld van. David had Saul kunnen doden, maar deed het niet. Zijn vriend zei: ‘God levert je vijand aan je over – één stoot en hij is er geweest’. Maar David weet dat dit niets met Gods wil te maken heeft. Geen enkele moord, geen enkele oorlog is door God gewild. Hij laat Saul daar slapen en neemt speer en waterkruik om later te laten zien dat Hij naast hem gestaan heeft en hem had kunnen doden, maar dat hij zijn haat niet met kwaad heeft willen vergelden. Daarna werden ze vrienden: David en Saul….

Zachte krachten die de dodelijke cirkel doorbreken.

Ik wil nog een paar eigentijdse voorbeelden geven, allereerst een uit mijn na-Nijmeegse praktijk in Eindhoven.
Altijd als ze bij elkaar kwamen , moeder en dochter, liep het op ruzie uit, of minstens toch op teleurstelling. De dochter voelde zich door haar moeder niet op waarde geschat: ‘dat kun jij toch niet!’, kreeg ze als kind vaak te horen. Toen die dochter getrouwd was en zelf kinderen had, hield ze haar moeder op afstand; terwijl die toch graag oma wilde zijn. Zij voelde zich buitengesloten.

Twee mensen die van nature bij elkaar hoorden, maar zich toch door elkaar in de steek gelaten voelden. Ze wilden er eigenlijk allebei wel uitkomen, maar bleven in een kringetje heen draaien. ‘Moet ik dan tot mijn sterfbed wachten tot het weer goed komt?’ vroeg de moeder mij als pastor. ‘Ik wil best mijn schuld belijden tegenover haar, maar hoe doe ik dat zonder dat het weer uitdraait op gekibbel?’ Ik stelde haar voor het in de vorm van een biecht-ceremonie te gieten, waarbij de pastor als vertrouwenspersoon het verzoeningsgesprek (want daar ging het om) zou inkaderen met een opening, een uitnodiging tot spreken, een ritueel, een gebed. De dochter was het daar ook mee eens.

De moeder sprak uit hoe zij tot het inzicht was gekomen dat zij fouten had gemaakt bij de opvoeding, maar ook hoe zij van haar dochter hield en hoopte op haar vergeving en op een nieuwe weg met elkaar. De dochter antwoordde dat ze de warmte van haar moeder vaak gemist had, en dat ze daar al vaak over hadden gepraat. Maar vanaf nu wilde ze daar wel een punt achter zetten.
‘We zullen dan misschien niet de ideale moeder-dochter zijn, maar we zijn elkaar wel ten diepste verwant’, zei ze.
Door het hart te laten spreken was er een soort praktische uitweg gevonden uit de gesloten kringetjes, en kwam er een gevoel van saamhorigheid vrij.

Nog een paar korte voorbeelden tot slot, over de kracht van de zachtheid.
Daags na de aanslagen in Parijs, in 2016, waarbij wapens de muziek in de concertzaal tot zwijgen brachten, reed een jongeman een piano op wielen naar de getroffen zaal en speelde op straat vlak voor de ingang van die zaal het vredeslied van John Lennon: ‘Imagine’. Daarna liep hij huilend weg. Hij had de vijand zijn andere wang toegekeerd.

Ik dacht aan deze gebeurtenis toen ik donderdagavond langs de brandgrens liep in de binnenstad ter gedachtenis aan het bombardement 75 jaar geleden. Meer dan 40 muziekgroepen en koren stonden op de brandgrens om samen te zingen en te spelen. Jongeren hadden vooraf lichtjes gezet bij de herinneringsplaatjes met daarop de namen van de 800 slachtoffers; hardlopers met fakkels en grote lichten liepen door de menigte langs de brandgrens heen, en gidsen vertelden de verhalen over die noodlottige 22ste februari. Een lint van licht en leven vormden de zachte krachten op deze donkere avond; en zo moedigden ze het aanwezige volk aan geweld te bestrijden met positieve energie.

En dan nog als laatste die winkelier: op zekere dag kwam er een klant zijn zaak binnen die erg hoog van de toren blies…. Een scheldtirade omdat er niets van het product deugde. Hoogrode kop, gebalde vuisten…. ‘Wilt u misschien een kopje koffie?’ zei de winkelier, in plaats van er lijnrecht tegenin te gaan. En de hele ruzie draaide bij!

Ieder van ons is weleens verwikkelt in een conflict en heeft zijn harde woorden klaar; die vliegen er soms veel te snel uit.
Daarom: gunnen we elkaar even de tijd om te onthaasten en in onszelf te keren; de zachte lagen in onze ziel op te zoeken.

Wek mijn zachtheid weer,
Geef mij terug de ogen van een kind
Dat ik zie wat is.
En mij toevertrouw
En het licht niet haat
(t: H.Oosterhuis, m. A. Oomen)

Joost Koopmans osa, 24 februari 2019

Dit bericht is geplaatst in Nieuws, Overwegingen. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *