Kom, volg mij

Bezield Verband
Jona 3, 1-5; 10
Marcus 1, 14 – 20

Gemeente,

“ze lieten hun netten achter en volgden hem”

Het zal je maar gebeuren. Dat je naar je werk bent gegaan en de bekende dagelijkse dingen op je weg vindt, als je je weer gevoegd hebt in de wereld die je zo vertrouwd is; in de wereld die langzamerhand je leven is geworden, dat er opeens iemand langs komt die tegen je zegt: “Ga met me mee, volg mij!”

Het zal je maar gebeuren, dat je net je boodschappenlijstje hebt geschreven, en de lege flessen in de auto hebt gezet en in wilt stappen om naar de supermarkt te gaan, dat er iemand van de fiets stapt en tegen je zegt: “Ga met me mee, volg mij!”

Als het mij zou gebeuren dan zou ik me toch serieus afvragen of degene die mij met deze vraag benaderde wel helemaal goed bij zijn hoofd was. Ieder mens kan toch begrijpen, dat er niemand zal zijn die zomaar, met achterlating van alles, de boel de boel zou laten?

Aan de zee van Galilea lijkt zoiets onvoorstelbaars wel te gebeuren… Simon en Andreas zijn aan het vissen als een man op de kant hen roept. “Kom volg mij!” En hij zegt er nog iets achteraan: “Ik zal jullie vissers van mensen maken!”. En die woorden blijken voldoende om de broers te overtuigen. Ze gooien hun netten neer en volgen Jezus.
Hun hele broodwinning valt in het water, maar het lijkt ze niet te deren. Ze laten hun netten vallen en keren het vertrouwde leven de rug toe.

Even later gebeurt hetzelfde. Twee andere broers, Jacobus en Johannes, ook vissers, worden net zo als hun collega’s geroepen. En ze gaan. De reparatie van hun netten is nog niet klaar, maar dat hindert ze kennelijk niet.
Ook zij verstaan de uitnodiging als iets waar ze niet omheen kunnen en ze laten de boot de bootwerker en gaan mee, hun vader achterlatend. Marcus schrijft niets over een mogelijke reactie van hun vader Zebedeüs.
Op z’n minst zou je een protest verwachten. Niets van dat alles. Is ook hij onder de indruk van degene die zijn zoons met zoveel nadruk uitnodigt?

Het is opvallend dat in beide gevallen het volgen van Jezus gebeurt zonder verdere vragen of overleg. Kennelijk is het optreden van Jezus zo overtuigend en is zijn uitnodiging zo onweerstaanbaar dat het niet in de mannen opkomt ook maar iets tegen te werpen. Ze worden geroepen en ze gaan. Terstond. Onmiddellijk. Als antwoord op iemand die roept met macht. Hun leven neemt op dat moment een beslissende wending. Een nieuwe situatie ontstaat voor hen, waarbij al het oude, al het vertrouwde, waarbij heel hun harde, maar overzichtelijke bestaan heeft afgedaan.
Iets werkelijk nieuws gaat beginnen! Dit verhaal staat niet zomaar in de bijbel. Het staat aan het begin van het evangelie dat geschreven is door Marcus. En Marcus heeft het daar, aan het begin gezet om aan te geven, om duidelijk te maken, wie Jezus is, wie God is. Aan het begin van zijn evangelie, van zijn goede boodschap tekent hij Jezus voor ons uit als één die roept. Als één die ons meevraagt, te gaan op zijn weg. Opnieuw op weg.. Een weg tegen de verdrukking in.

Jezus verschijnt in het leven van deze eerste volgelingen als het er met hun wereld niet al te best voorstaat. Het land is bezet door de Romeinen, er is onderdrukking en weinig uitzicht op vrede. En dan komt Hij en roept… En ook in onze wereld groot of klein is het niet altijd en overal zo geweldig mooi, en dan druk ik me nog voorzichtig uit. Er zijn genoeg argumenten te vinden waarop je je wel twee keer zou kunnen bedenken voordat je zou besluiten opnieuw op weg, met God mee te gaan.

Het is vandaag de derde zondag van Epifaniën. Epifaniën is het feest dat gevierd wordt op de dertiende dag na Kerstmis. Het is het feest van de verschijning van de Heer. En we denken nog terug aan de glans van het licht dat is opgegaan voor hen die in duisternis gezeten zijn. Jezus begint zijn prediking in een land van duisternis, in Galilea. Juist daar gaat Gods stralende zon op over mensen die leven in het land van schaduw en dood.
We kijken terug en vooruit. Terug naar de gekomen Immanuël, God met ons. Vooruit naar de God die ons in Jezus roept om met hem mee te gaan. Hem achterna.

Midden in de wereld van uitbuiting en onderdrukking klinkt de proclamatie van de komst van het koninkrijk. Het Woord van God omvat per consequentie ook het terrein van de politiek, dat is: van het leven zoals de mens dat vorm en inhoud geeft; dat kunnen wij bij alle profeten nalezen. Zo wordt de boodschap van bevrijdend heil geplaatst tegenover de krachten van onderdrukking en geweld.

Met de komst van Jezus is alles anders geworden. Met Hem is het Koninkrijk van God in de wereld gekomen. Zoals Hij zijn discipelen riep aan de oever van de zee, zo roept Hij ook ons! “Kom Volg Mij! Hij vraagt ons te kiezen voor het leven, voor een leven in het licht van de Eeuwige. Om te gaan op Zijn weg, het lichtend spoor volgend dat Hij door onze donkere wereld trekt. Zijn koninkrijk biedt uitzicht op een andere werkelijkheid, een nieuwe werkelijkheid die in onze werkelijkheid, hier en nu, is gekomen. God heeft naar ons omgezien, Hij is met ons — Immanuel — .

Het spoor, dat Jezus in de wereld getrokken heeft, loopt door tot in onze tijd.

Overal waar mensen ervoor kiezen uit het vertrouwde dagelijkse spoor te stappen, niet klakkeloos mee te gaan in de waan van de dag, maar zich ervan bewust zijn, dat er wat te kiezen valt en dan opnieuw op weg gaan, worden voetstappen gezet op die weg, in dat spoor van vrede en recht.. in de verwachting dat het koninkrijk in de dagelijkse realiteit van ons leven gekomen is..

Waar je talenten en de behoeften van de wereld elkaar kruisen, ligt je roeping, zei reeds Aristoteles…….

Om van daaruit te leven in de verwachting van het komende Rijk, waar gerechtigheid en vrede zullen wonen.

Navolging wordt dan: In vertrouwen tekenen oprichten van de nieuwe tijd die zeker komen zal. Tekenen oprichten, laten zien, dat het anders zal worden. Er zijn voor anderen, veraf en dichtbij met een open oog voor de wereld om ons heen.

Door om te keren, door op te staan en te gaan met Hem mee… en dan is het ineens niet meer zo’n vreemde vraag, “Kom volg mij!”, maar brengt ze ons opnieuw op weg….

Hij komt misschien vandaag voorbij
en neemt ook u terzij, of mij
en vraagt ons, Hem te geven
de rijkdom van ons leven.

Amen.

Ds Hans Noordeman (Doopsgezinde Remonstrantse gemeente) , 21 januari 2018

Dit bericht is geplaatst in Nieuws, Overwegingen. Bookmark de permalink.

Geef een reactie