Iemand worden, iemand zijn: Blijft de Messias niet eeuwig leven?

ZaailingJohannes 12, 20-34

Onze lezing beschrijft geen waar gebeurd verhaal maar ze beschrijft oerbeelden uit onze ziel.

Het is eigenlijk niet denkbaar dat Jezus zo gesproken heeft: “Het wordt tijd dat ik tot majesteit word verheven” of: “Ik moet nu sterven, maar zoals een graankorrel veel vrucht brengt als hij sterft, zo zal ook mijn dood veel vrucht dragen.” Ook al ben je helemaal idolaat van Jezus, dan nog zouden zijn leerlingen gedacht hebben: doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg. — Nee, Johannes doet hier niet verslag van een gesprek tussen Jezus en zijn leerlingen, Johannes beschrijft hier oerbeelden uit onze ziel.

De psychoanalyticus Carl Gustaf Jung heeft deze oerbeelden onderzocht en vastgesteld dat deze oerbeelden in alle culturen en in alle godsdiensten dezelfde zijn. Het zijn ingebakken ideeënpatronen, voorstellingen die eerder in onze genen zitten dan in onze hersenen. Jung noemde deze voorstellingen dan ook archetypen, oerbeelden dus, beelden die vanaf het oerbegin aanwezig zijn. Voor Jung hadden deze beelden dan ook hun begin in God.

Johannes wist nog niets van psychoanalyse, maar voor hem was wel duidelijk dat we in onze oerbeelden God zelf konden zien. Zoals dat in onze eerste lezing gezegd wordt, waar God zegt: “Ik zal mijn wet in hun binnenste leggen en hem in hun hart schrijven. … Men zal elkaar niet meer hoeven te onderwijzen, want iedereen, van groot tot klein, ken mij dan al.” (Jeremia 31, 33-34) En daarom roept ook Augustinus telkens weer: “Keer terug naar je hart.” — Johannes vertelt ons over de ‘wet in ons binnenste’, over het beeld van God ons hart, over de oerbeelden in onze ziel die ons vanaf de schepping zijn meegegeven.

En dit oerbeeld is: dat de rechtvaardige sterft om ons te redden. Degene die geen schuld op zich geladen heeft, degene die nooit verstrikt is geraakt in tekortkomingen, nooit een leugentje om bestwil, nooit een kwaad woord, die nooit is verzeild geraakt in situaties waar hij achteraf spijt van kreeg… kortom de enige dus die het verdiend zou hebben om eeuwig te leven, die gaat toch de dood in. En daarmee schenkt hij zijn eeuwig leven aan ons.

Dit oerbeeld is geen uitvinding van het christendom, dit beeld vinden we ook terug in oudere godsdiensten. — Hier in onze lezing komen dan ook Grieken naar Jezus, dus mensen uit een andere godsdienst en met een heel andere mythologie, maar toch met hetzelfde oerbeeld. — En dit beeld vinden we ook tegenwoordig telkens weer in films en romans: de goede die zijn leven geeft voor de anderen. Het is dan ook een beetje kortzichtig van de kerkenraad in Nijkerk dat ze hun dominee Edward van der Kaaij op non-actief gesteld hebben omdat hij de mythologische kant van Jezus meer benadrukt dan de historische kant. Wat Johannes hier over Jezus schrijft en wat hij Jezus laat zeggen gaat inderdaad verder dan alleen een waargebeurd gesprek van tweeduizend jaar geleden. Wat Johannes hier over Jezus vertelt is een waarheid die veel dieper gaat en veel ‘waarder’ is dan de persoon van Jezus zelf.

Maar de leerlingen kennen hun klassieken, of laat ik beter zeggen, zij kennen hun oerbeelden, en ze roepen dan ook meteen: “Maar we hebben uit de wet begrepen dat de messias eeuwig blijft leven.” Dus uit de wet die God in hun hart gelegd heeft, uit de oerbeelden in hun ziel weten zij dat deze dood niet het einde markeert, maar dat deze dood leven voortbrengt. Johannes gebruikt daarvoor het beeld van de graankorrel; de graankorrel die sterft maar daardoor juist een veelvoud aan leven voortbrengt.

We hebben hier dus niet te maken met Jezus die op een theatrale manier de toekomst kan voorspellen en die zijn dramatische dood voorziet. Maar Johannes zegt hier: dit oerbeeld, dit beeld wat ons door God is ingegeven, dat wordt nu werkelijkheid. Wat er al sinds de dagen der schepping in je genen gelegd is, die diepere waarheid gaat nu waar gebeuren.

“Keer terug naar je hart,” zegt Augustinus, en Johannes laat ons terugkeren naar onze ziel. “Nu zal de heerser van deze wereld uitgebannen worden,” zegt Jezus. Staar je niet blind op de de feiten, laat je niet alleen leiden door wat tastbaar en meetbaar is; laat je niet beperken tot waarheid is alleen wat ook waar gebeurd is, laat je niet beheersen door dood is dood. Deze heerser zal nu uitgebannen worden. Nu is de “tijd gekomen dat de Mensenzoon tot majesteit wordt verheven.” Nu is het tijd voor een andere majesteit, nu zal de andere waarheid heersen, namelijk de waarheid zoals die in onze oerbeelden te zien is.

Keer terug naar je hart, keer terug naar je ziel, en zie daar dat je meer bent dan je bestaan in het hier en nu. Keer terug naar wat God je al van begin af aan meegegeven heeft: je leven, groter dan de dood.

Ekkehard Muth

Dit bericht is geplaatst in Nieuws, Overwegingen. Bookmark de permalink.

1 Reactie naar Iemand worden, iemand zijn: Blijft de Messias niet eeuwig leven?

  1. Theo Thier schreef:

    Een overweldigende gedachte, dat ík en iédere mens “meer is dan het bestaan in het hier en nu”; dus eeuwigheidswaarde heeft. Maar hoe moet ik in dit kader aankijken tegen moord en doodslag, die bovenstaande gedachte blijken te ontkennen?

Geef een reactie