Vrede en bevrijding

lezing: Johannes 14, 23-29

Toen ik vanochtend uit het schuurtje de trap haalde om bij de vlaggenhouder te komen, werd mij weer bewust hoe bijzonder het toch eigenlijk is om de vlag uit te hangen.

Ik ben namelijk in een tijd opgegroeid dat je als Duitser maar beter niet met de vlag kon zwaaien. Het was ook not done om trots te zijn op je land. Tenslotte waren “wij” in de geschiedenis grondig fout. En ook al was zelfs mijn vader nog te jong om in de oorlog gevochten te hebben, en was mijn generatie pas lang na de oorlog geboren, zomaar trots zijn op je land, dat was niet gepast. — En zo komt het dat ik in mijn leven vaker de Nederlandse vlag heb uitgehangen dan de Duitse. Dinsdag voor de troonswisseling, gisteren halfstok om te herdenken, en vanochtend weer voor de vrijheid.

Intussen is dat in Duitsland gelukkig ook veranderd. Er is hard gewerkt aan verzoening, maar er is ook hard gewerkt aan een houding dat je constructief deel uitmaakt van een gemeenschap die groter is dan je volk. En met dat besef durf je nu ook weer de eigen vlag tevoorschijn te halen.

Vandaag, op de dag dat we de vrijheid vieren lezen we heel toepasselijk een stukje uit de grote afscheidsrede van Jezus in het Johannesevangelie, waar hij zegt: “Ik laat jullie mijn vrede na, mijn vrede geef ik jullie.” Want zijn vrede is de basis van alle vrijheid.

Zo zijn we hier bij elkaar in de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. Amen

Overweging

“Wellicht zal de geschiedenis uitwijzen dat de keuze voor Claus mijn beste beslissing is geweest,” zei koningin Beatrix in haar afscheidstoespraak. — Kunt u zich nog voorstellen dat “wij” ooit tegen dit huwelijk protesteerden, en dat er geroepen werd: “Claus raus!”? Misschien zat jezelf bij de demonstranten, misschien demonstreerde je niet maar vond je het toch een hachelijke zaak: zo’n Duitser; die ook nog trouwt met de toekomstige koningin. — Zover was het nog niet met de verzoening tussen Nederlanders en Duitsers. Beatrix liep toen mijlenver op de troepen vooruit.

En als ze nu zegt dat Claus haar beste beslissing is geweest, dan zijn we ontroerd door deze liefdesverklaring, maar het betekende vooral voor de toenadering tussen Nederlanders en Duitsers een enorme stap. De geschiedenis zal uitwijzen dat dat dus ook politiek een goede beslissing is geweest.

Wat jammer dan dat het Nationaal Comité 4 en 5 mei dan roept dat 4 mei een dag van herdenken is en niet van verzoenen. Dat lijkt wel een stap terug. Alsof herdenken en verzoenen los van elkaar staan. Als je herdenkt zonder aan verzoening te werken dan koester je alleen maar je eigen wrok. Op 4 mei gaat het om de slachtoffers, niet om de daders, zegt het Nationaal Comité. Maar als je op die manier herdenkt dan maak je je telkens weer opnieuw tot slachtoffer.

Ik wil hier maar meteen bij zeggen dat ik alle begrip heb als je het persoonlijk niet voor elkaar krijgt om de hand uit te steken. Er zijn dingen die kan je gewoon niet vergeven, zelfs al zou je het willen. Maar in breder verband, als volk, als je daar niet probeert aan verzoening te werken dan hebben al de offers die je als volk gebracht hebt geen enkele zin. Als je wel herdenkt maar niet aan verzoening werkt, dan zijn de slachtoffers pas echt voor niets gestorven. — Ook in die zin was de keuze voor prins Claus zeker een goede beslissing.

Op dit moment zijn de Duitsers opnieuw bezig aan wat we met een prachtig Duits woord noemen: vergangenheitsbewältigung. In het Nederlands zou je dat kunnen vertalen met ‘lering trekken uit het verleden’, ‘je verleden een plekje geven’, ‘je verhouden tot je verleden’. Ik hoor zelf bij de generatie Duitsers die dat wel bijzonder intensief gedaan heeft, ook al zeg ik het zelf. Want ook in Duitsland duurde het wel tot begin jaren 70 totdat er over de zwarte bladzijden van de eigen geschiedenis op grote schaal gepraat kon worden. En dat hebben wij geweten: schoolreisjes naar Dachau, gesprekken met joden die hun ouders in de concentratiekampen verloren hebben, en elk jaar ging ik in de zomervakantie drie weken naar mijn uitwisselingsvriendje in Frankrijk, zogenaamd om de taal te leren. Maar het was ons allen duidelijk dat het eigenlijke doel was om Duitsers en Fransen met elkaar te verzoenen. Toen we met het hele franse gezin een keertje logeerden bij een tante in Brest, zei de tante tegen mij bij het afscheid: “Ik had eigenlijk mezelf gezworen dat ik nooit meer een Duitser onder mijn dak zou laten, maar ik ben blij dat ik het nu wel gedaan heb…”

Enfin, op dit moment komt de vergangenheitsbewältigung in een nieuwe fase. Misschien heeft u de indrukwekkende driedeler op de Duitse tv gezien: Unsere Mütter, unsere Väter, en anders kunt u het op dvd zien, een film waarin de oorlog getoond wordt uit het perspectief van vijf jonge Duitsers. Vijf vrienden en hoe zij tegen het leven aankeken, met welke denkbeelden ze waren grootgebracht; en uiteindelijk hoe de oorlog hen veranderde en beschadigde. De meest kunstzinnige onder hen, die zich het liefst terugtrekt met een boek om in de literatuur op zoek te gaan naar het ware, schone en goede, zegt op gegeven moment: “De oorlog brengt het slechtste in de mens naar boven.” En dat blijkt ook want we zien hoe de oorlog juist van hem een gewetenloze moordmachine maakt.

Vandaag, op de dag dat we de vrijheid vieren, stelt onze lezing juist het tegenovergestelde aan de orde. Niet: “De oorlog brengt het slechtste in de mens naar boven,” maar “Vrede brengt het beste in de mens naar boven.” “Ik laat jullie vrede na,” zegt Jezus, “mijn vrede geef ik jullie.” Dat doet hij in een lange reeks van afscheidsreden waar hij aankondigt dat hij teruggaat naar de Vader. En bij wijze van spreken tot dat het zover is dat ook wij naar de Vader gaan, of laat ik maar beter zeggen totdat het koninkrijk van God bij ons helemaal werkelijkheid wordt, tot die tijd laat hij ons zijn vrede na. Vrede als voorproefje op het koninkrijk, zijn vrede als begin van het koninkrijk.

En die vrede brengt het beste in de mens naar boven: liefde, verzoening, creativiteit, dat we elkaar kansen geven, dat we elkaar helpen om tot bloei te komen, dat we elkaar ruimte geven voor al de talenten die we hebben meegekregen. Of zoals koning Willem-Alexander het zei: “Als koning wil ik mensen aanmoedigen om actief gebruik te maken van de mogelijkheden die ze hebben.”

Gisteren hebben we herdacht en vandaag vieren we de vrijheid. Maar gelukkig heeft daar tussenin de verzoening steeds meer ruimte ingenomen. En heeft de vrede die Jezus ons nalaat zich steeds beter bij ons kunnen nestelen. Want vrede brengt het beste in de mens naar boven; vrede brengt alles wat we van God ontvangen hebben naar boven.

Ekkehard Muth

Dit bericht is geplaatst in Nieuws, Overwegingen. Bookmark de permalink.

2 reacties op Vrede en bevrijding

  1. Theo Thier schreef:

    Vandaag (3 feb. 2014) deze overweging nog eens nagelezen; korte tijd na het overlijden en de begrafenis van Nelson Mandela. Aan hem moest ik (ook) denken na de woorden van Ekkehard. Over VERZOENING gesproken: 28 jaar gevangen zitten, en na vrijlating in woord en daad pleiten voor in vrede samenleven met je vijanden.

  2. Dames Reichgelt Schellekens schreef:

    Wat een mooie lezing,het komt precies overeen met onze ideeen je hebt ze zo goed verwoord,dank je wel Kneel en Dut

Geef een reactie