Iedereen is naar u op zoek

Lezingen: Job 7, 1-7 en Marcus 1, 29-39

Jezus staat aan het begin van zijn leven en werk. En Marcus is bezig om aan een lastige klus te beginnen. Hoe moet je dat toch in hemels naam opschrijven wat Jezus gaat doen? En hoe voorkom je dat de lezers zijn evangelie meteen afdoen als vroom gedweep? Natuurlijk had hij gewoon sec kunnen opschrijven wat Jezus doet. Maar dan was zijn evangelie niet meer geworden dan een biografie van een of andere prediker zoals er toen meer rondliepen. Of Marcus had gewoon kunnen beginnen met een uitgebreid kerstverhaal waar meteen duidelijk wordt wie Jezus was.

Nee, Marcus wil dat de mensen er zelf achter komen. En daarvoor kiest hij twee benaderingen:

Ten eerste schrijft hij niet alleen op wat Jezus doet, maar hij schrijft vooral op wat dat met de mensen doet. De lezers kunnen dan met de mensen meevoelen en zo zelf ervaren wat Jezus ook met hen doet.

En ten tweede: de lezers moeten niet in Jezus gaan geloven omdat Marcus het zegt, maar ze moeten er zelf achter komen dat Jezus de lang verwachte messias is. Door te lezen wat het met de mensen doet moeten ze het ook zelf ervaren. – Daarom laat Marcus Jezus ook telkens weer zeggen dat de mensen het niet verder moeten vertellen. De mensen moeten het niet van horen zeggen hebben, maar van dat ze het aan den lijve ervaren.

Onze eerste lezing uit Job geeft ook weer wat we aan den lijve ervaren. En wat we ervaren als we van God en alle mensen verlaten zijn. Als we ziek zijn en niemand ons meer kan helpen, of als we in de ellende zitten en niemand het meer aandurft om die ellende samen met ons uit te houden. “Maanden van leegte”, “lange avonden” die maar duren en duren, nachten waarin je niet weet of er nog een morgen komt. Alles in je leven verbrokkelt, zelfs je “huid verschilfert en laat los”. De tijd glipt je door de vingers, “in een zucht is je leven voorbij” voor dat je blik nog eens het goede heeft kunnen aanschouwen…

Die ervaring kennen we wel. Afgelopen zondag ging ik ergens anders voor en na de viering kwam ik met mensen in gesprek die mij van hun twee gehandicapte kinderen vertelden. “Dan zitten weer eens een avond op de bank te janken, en dan gaan we maar weer verder”, zeiden ze. “De avond duurt en duurt…” en je vraagt je af: “wanneer sta ik weer op?”

En precies dat wil Marcus ons vertellen. Het gaat hem niet om een historisch bericht over het doen en laten van Jezus, maar hij wil vertellen hoe dat is als je weer opstaat.

Het is alsof je koorts weer zakt. De dwangmatige koortsdromen laten je los en je wordt weer jezelf. Je voelt het leven weer terugkomen in je geest maar ook in je lijf. Je krijgt er weer zin in, en net als de schoonmoeder van Simon Petrus ga je weer aan de slag. Het is trouwens niet voor niets dat uitgerekend de schoonmoeder van Simon ervaart hoe zij weer opstaat, hoe zij bij wijze van spreken verrijst. Later in het evangelie, in hoofdstuk 8, zal Simon het als eerste uitspreken: “U bent de messias.” En vervolgens zal hij de naam Petrus krijgen, de rots, de eerste steen van de kerk en van de kerken; de eerste steen van van een gebouw dat door alle mensen van goede wil gebouwd wordt. Petrus heeft dat niet van horen zeggen, maar van wat hij ervaart als hij zo met Jezus onderweg is. Maar zover zijn we nog niet; we zijn nog in hoofdstuk 1, maar de ervaring dat je verrijst zit bij wijze van spreken bij Petrus nu al in de familie.

En ’s avonds brengen de mensen alle zieken en bezetenen naar hem toe. Er wordt niet verteld hoe zij van de genezing van de schoonmoeder van Simon gehoord hebben. Maar als je, zoals Job het beschrijft, maanden van leegte ervaart, als je van de machteloosheid lange avonden op de bank zit te janken, dan word je gevoelig voor alles wat een beetje licht zou kunnen brengen. Je hunkert ernaar dat de uitzichtloosheid je niet langer meer bezet houdt, maar dat je een nieuwe geest krijgt. Of misschien wil je dat al die oude manieren om tegen de wereld aan te kijken uit je hersenen verdwijnen. Dat al die rare ideeën die je over anderen hebt, en misschien ook over jezelf, weggeblazen worden. Dat al je wrok en alle oude teleurstellingen uit je weggaan, dat alle trauma’s waar je ziel beschadigingen heeft opgelopen uit je uitvaren. Dan komt er nieuwe ruimte in je ziel, je krijgt weer lucht, je hoofd voelt uitgewaaid als na een winterdag op het strand…

De mensen mogen het van Jezus niet doorvertellen, “Hij stond ze niet toe om iets te zeggen”, en zo vertelt Marcus maar hoe het voelt en wat de mensen ervaren. En dat blijkt uiteindelijk meer zeggingskracht te hebben dan welk evangelie dan ook. De mensen trappen de voordeur bijna in. En als Jezus denkt dat hij in het donker nog een eenzaam plekje kan vinden dan vergist hij zich: “Iedereen is naar u op zoek!”

“Iedereen is naar u op zoek”. Zo wil Marcus Jezus neerzetten. Hij is niet een van de vele predikers en schriftgeleerden die een school leerlingen om zich heen verzamelen aan wie ze hun boodschap kunnen overdragen. Nee, het is andersom, Jezus wil niets overdragen, maar hij belichaamt iets waar iedereen naar op zoek is:

Licht na een lange donkere nacht, dat je in je leven het goede mag aanschouwen, vergezichten, nieuwe ruimte in je ziel, frisse wind in je hoofd, dat je dagen niet wegsijpelen in maanden van leegte maar dat je opstaat voor een nieuwe morgen. — Waarnaar ben jij op zoek?

Vanuit het huis van Simon begint Jezus aan zijn leven en werk. Vanuit het huis van degene die later zelf de grondlegger zal worden van een huis waar ook onze Boskapel deel van uitmaakt. Een huis van mensen die op zoek zijn.

En natuurlijk hebben de mensen zich niet aan het verbod van Jezus gehouden, gelukkig hebben ze het toch maar doorverteld. Maar het is niet zozeer een verhaal geworden van Jezus, het is vooral een verhaal geworden van hoe zij ‘gevonden’ hebben. Hoe zij net als Job en net als de schoonmoeder van Simon en de vele zieken en bezetenen weer mochten opstaan.

Iedereen is naar u op zoek; laten we op zoek blijven gaan, en mogen we soms heel even ook vinden. Zo moge het zijn.

Ekkehard Muth

Dit bericht is geplaatst in Overwegingen. Bookmark de permalink.

Geef een reactie