Driekoningen 2012

Lezingen: Jesaja 60,1-6 en Matteus 2,1-12

Zoals ik al in de opening zei, vandaag is het kerstfeest bij onze orthodoxe medechristenen. En wij vieren nog een keertje mee. Of laat ik het anders zeggen, vandaag wordt ons kerstfeest pas compleet. We zijn begonnen met het kerstverhaal van Lucas waar de herders die de boodschap als eerste mochten horen meteen op weg gingen naar de stal van Bethlehem. En vandaag ronden we het feest af met het kerstverhaal van Matteüs waarin de drie koningen op weg gaan om de ster te volgen.

Twee kerstverhalen dus, eentje om het kerstfeest mee te openen en eentje om het af te ronden. Bij onze laatste bijeenkomst met onze 13-plussers heb ik geloof ik de jongeren flink van hun geloof af geholpen. We hebben namelijk een stukje gelezen uit het boekje “De koning op een ezel” van Nico ter Linden. Daarin laat hij de twee mannen Lucas en Matteüs met een glaasje wijn bij elkaar zitten, en ze overleggen hoe zij de geboorte van Jezus het beste kunnen vertellen. Beiden vinden het belangrijk dat Jezus in Bethlehem geboren wordt, want bij de profeet Micha staat: Uit jou, Betlehem in Efrata, te klein om tot Juda’s geslachten te behoren, uit jou komt iemand voort die voor mij over Israël zal heersen. — Dus daar zijn ze het over eens.

Maar Lucas vindt het dan belangrijk dat Jezus vooral voor de kleine mensen geboren wordt, dus de herders buiten op het veld, zij moeten de boodschap als heerste te horen krijgen. Maar Matteüs is meer thuis in de heilige schriften — die wij tegenwoordig het oude testament noemen — en hij wil graag dat het geboorteverhaal meer voortborduurt op het visioen dat al eeuwenlang door de profeten verkondigd wordt. En daarbij denkt hij o.a. ook aan onze eerste lezing uit Jesaja: “Duisternis bedekt de aarde, en donkerte de naties, maar over jou schijnt de Heer. Volken laten zich leiden door jouw licht, koningen (!) door de glans van je schijnsel.” dus voor hem is duidelijk dat er koningen moeten komen. En hij weet ook hoe het verder gaat: “een vloed van kamelen zal je land overspoelen, beladen met wierook en goud.”

In het boekje van Nico ter Linden besluiten Matteüs en Lucas uiteindelijk dat ze allebei een eigen kerstverhaal opschrijven. — Voor de 13-plussers waren gelijk twee dingen nieuw, namelijk: dat het inderdaad twee onafhankelijke verhalen zijn. Want in feite passen ze zo goed bij elkaar dat het eigenlijk één verhaal lijkt. En in onze kerststal thuis staan de herders en de koningen dan ook eendrachtig samen rond de kribbe.

En het tweede nieuwtje was dat de verhalen blijkbaar niet vertellen hoe het in het echt gebeurd is, maar dat ze een waarheid vertellen die dieper gaat. — Ik vrees dat ik ze daarmee van hun geloof heb afgeholpen, maar ik hoop dat ik ze daarmee op het spoor gezet heb van de diepere waarheid erachter; ik zal het hen de volgende keer vragen.

De koningen zien dus de ster, het licht van God. En net als de herders die plotseling omgeven waren door het stralende licht, gaan ook zij meteen op weg het licht achterna. Als ze bij hun collega Herodes in Jerusalem komen, gebeurt er iets heel raars: Herodes denkt er geen seconde aan om even naar buiten te gaan om naar die ster te kijken; laat staan dat hij op weg gaat. Integendeel, hij blijft lekker zitten en roept alle belangrijke hogepriesters en schriftgeleerden bijeen om te vergaderen. Machtige mannen gaan nooit op weg, machtige mannen vergaderen en anderen moeten dan maar uitvoeren wat zij uitbroeden. Dat was toen ook al zo. En zo stuurt hij de drie koningen als boodschappenjongetjes op weg: “Stel een nauwkeurig onderzoek in naar het kind. En stuur mij bericht zodra u het gevonden hebt.”

Maar wie zich laat leiden door het licht, die weet wel beter en neemt een andere route. En zo komen ze bij het kind en halen hun geschenken tevoorschijn, goud en wierook zoals de profeten het al voorzien hadden. Goud, je stoffelijke rijkdom, je macht en je prestige. Wierook, je geestelijke rijkdom, je geloof en je verlangen. En mirre, dat heeft Matteüs erbij verzonnen, mirre waarmee de doden gebalsemd worden, want Jezus brengt ook in de dood nog leven. Hun hele leven dus, hun stoffelijke leven, hun geestelijke leven, en ook nog hun leven na de dood geven zij over aan dit kind. “Leid ons door uw licht.”

Wat is jouw licht, wat is jouw ster die jou op weg doet gaan? Misschien denken we vaak dat dat dan grote idealen moeten zijn, de wereldvrede bijvoorbeeld of de honger de wereld uit. En misschien hadden de drie koningen ook stiekem in hun achterhoofd dat die ster hen naar iets groots en overweldigends zou leiden. Maar het grote begint altijd in het kleine, het begint in een krakkemikkige stal en het begint met een pas geboren kindje in een kribbe.

En bij ons begint het meestal ook heel klein: is jouw ster dat je misschien probeert om gewoon en goede moeder of een goede vader voor je kinderen te zijn, of een betrouwbare vriend, of probeer je sowieso eerlijk en oprecht met anderen om te gaan. Is jouw ster dat je misschien talenten hebt meegekregen, iets waar je heel goed in bent en waarmee je voor anderen het leven net iets lichter kunt maken. En als je denkt dat er geen ster is die jou nog gaande kan houden dan zijn er misschien anderen die jouw ster wel kunnen zien; die graag bij jou in de buurt zijn, ook al ben je ziek, omdat jullie misschien een diepere verbondenheid ervaren. En laatst vertelde mij iemand over de laatste weken dat haar moeder op sterven lag, dat zij in die weken beter dan ooit tevoren “elkaars schoonheid” weer konden zien. Zelfs in de dood blijft de ster stralen.

Dit zijn allemaal kleine sterretjes die wij volgen, kleine glimpjes van God. En soms kan het gebeuren dat ze zo zwak schijnen dat wij ze niet meer goed kunnen zien. Maar uiteindelijk klonteren al die sterretjes samen tot een grote ster. Uiteindelijk vormen de kleine glimpjes samen een groot licht: het grote visioen van de profeten, en het visioen waar Jezus handen en voeten aan heeft gegeven, en het visioen wat ook wij elke keer weer hier aan tafel uitbeelden. Samen vormen ze het grote licht waarin God oplicht.

Zo hebben we dus twee kerstverhalen gekregen. Kerstverhalen waarin mensen op weg gaan naar het licht, herders en koningen, en alle mensen van goede wil daar tussenin. Laten we met hen meegaan, de ster achterna.

Amen

Ekkehard Muth

Dit bericht is geplaatst in Overwegingen. Bookmark de permalink.

Geef een reactie