Kiezen of delen

Lezingen: Echt gebeurd (Uit de Almanak van Barmhartigheid) en Matteüs 7,21-27

Kiezen of delen. Deze uitdrukking komt uit het oude Germaanse recht, en werd gebruikt wanneer twee mensen het niet eens konden worden over de verdeling van de buit of een erfenis. Ze vroegen elkaar dan: “Wil je kiezen of delen?” Degene die delen koos, verdeelde de goederen in twee stapels. De ander mocht een van de twee stapels kiezen. Een mooie oplossing die er rekening mee hield dat de meeste mensen proberen er ietsje meer uit te slepen dan een ander. Je moet kiezen, het een of het ander, maar beide zijn op deze manier ongeveer evenveel waard. De keuze die Jezus ons voorhoudt is een andere. Niet kiezen tussen twee dingen die ongeveer even goed zijn of van evenveel waarde, maar kiezen voor zijn woord, voor zijn gedachtegoed en er ook naar handelen.

Overweging

Vandaag lezen we op de laatste zondag voor de veertigdagentijd het laatste stuk van de bergrede. Deze uitspraken van Jezus begonnen in het vijfde hoofdstuk bij Mattheus met de zaligsprekingen, en ze eindigen vandaag met de vergelijking van het huis op de rots met het huis op het zand. Daar tussenin staat Jezus’ leer bijna helemaal samengevat. Hij heeft gezegd wat belangrijk is als je goed wilt leven. We hebben er de laatste twee maanden ’s zondags gedeelten uit gehoord. Mattheus heeft het opgeschreven zodat we het niet allemaal hoeven te onthouden.

Houd je aan de wet, maar leg de wet niet te krap uit. Integendeel, je moet juist ook de geest van de wet in de gaten houden. Heb je naaste lief als jezelf. Haat je vijand niet, maar bemin hem juist. Oordeel niet te gemakkelijk over anderen, je ziet vaak je eigen fouten over het hoofd. En tob niet teveel, het leidt af van de dingen waar het werkelijk om gaat. Tot slot zegt Jezus nog iets belangrijks. Het eerste is dat je je werkelijk moet inzetten voor zijn zaak. Door de mensen die wel roepen dat ze zo christelijk zijn, maar het eigenlijk alleen in naam zijn, kijkt hij zo heen. Niet ieder die roept Heer, Heer zal binnengaan in het rijk der hemelen maar alleen hij die de wil van mijn vader doet zegt hij. Populair gezegd: geen woorden maar daden.

Jezus legt dat nog een keer uit in de vergelijking van de man die zijn huis op de rots bouwde en van de man die het op het zand neerzette. Wie Jezus woord hoort en er naar handelt, dus niet zegt wat zegt hij dat toch weer mooi en vervolgens overgaat tot de orde van de dag, die heeft een goede en veilige keus gemaakt. Die heeft ervoor gekozen de woorden van Jezus werkelijk in daden om te zetten, ook wanneer dat vreselijk moeilijk is.

De vader in het eerste verhaal is daar een goed voorbeeld van. Hij weet zijn eigen verdriet even opzij te zetten en verplaatst zich in de gevoelens van een ander. En niet zo maar een ander, het is een ander die hem iets vreselijks heeft aangedaan. Hij gaat naar hem toe en zegt dit is te zwaar voor jou, ik vergeef je. Dit echt gebeurde verhaal is minstens tien jaar geleden gebeurd maar voor ons gevoel kon het ook wel op de maan hebben plaatsgevonden. In onze tijd wordt er immers alleen maar geroepen om strengere straffen, geen tolerantie meer voor niets en niemand. In het verhaal is de veroorzaker van het ongeluk een dorpsgenoot, een bekende, een medemens. In onze huidige maatschappij is hij de de dader van het misdrijf, iemand die levenslang verdient of toch minstens opsluiting in een tuigdorp. Zelfs politieke partijen die zich christelijk noemen, roepen om het hardst om zero tolerance.

We zijn geneigd om daar aan mee te doen, misschien in afgezwakte vorm, maar ook wij ontkomen niet aan de tijdgeest. Daarom is het goed om nog eens stil te staan bij wat Jezus zei in het begin van de bergrede:

Gelukkig wie nederig van hart zijn,
want voor hen is het koninkrijk van de hemel.
Gelukkig de treurenden,
want zij zullen getroost worden.
Gelukkig de zachtmoedigen,
want zij zullen het land bezitten.
Gelukkig wie hongeren en dorsten naar gerechtigheid,
want zij zullen verzadigd worden.
Gelukkig de barmhartigen,
want zij zullen barmhartigheid ondervinden.
Gelukkig wie zuiver van hart zijn,
want zij zullen God zien.
Gelukkig de vredestichters,
want zij zullen kinderen van God genoemd worden.
Gelukkig wie vanwege de gerechtigheid vervolgd worden,
want voor hen is het koninkrijk van de hemel.

Nederig, verdrietig, zachtmoedig, op zoek naar gerechtigheid, barmhartig, zuiver van hart, stichter van vrede. Mensen die deze eigenschappen bezitten, zijn bepaald niet populair. Deze eigenschappen leveren in onze maatschappij geen punten op.

Toch zijn dit de woorden waarnaar wij moeten leven. Dan staat ons leven vast als een huis op de rots. De waan van de dag, de mening van de massa, hebben er geen invloed op. In het slotlied zingen wij met Psalm 127: Als de Heer het huis niet bouwt, bouwen de bouwers voor niets. Wanneer wij leven met empathie, ons verplaatsen in de gevoelens van een ander, gaan wij de weg van Jezus. Hij heeft ons niet alleen voorgezegd hoe het moet, hij heeft ons ook voorgeleefd. We moeten kiezen of delen. Dat is alles, meer is er niet.

Annemiek Alferink

Dit bericht is geplaatst in Overwegingen. Bookmark de permalink.

Geef een reactie