Tijdelijke vrede

God is bij uitstek de wijze schepper
en rechtvaardige ordenaar van hoe alles is.
Hij heeft het sterfelijk geslacht van de mensen geschapen
als het mooiste sieraad van de aarde
en Hij heeft aan de mensen bepaalde goede dingen gegeven
die passen bij dit aardse leven,
zoals de tijdelijke vrede.
Dat is de vrede die we in dit sterfelijke leven kunnen ervaren
in gezondheid en veiligheid en in de gemeenschap met elkaar.
Ook schonk Hij alles wat nodig is
om die vrede te bewaren of te herwinnen,
zoals de dingen die we met onze zintuigen kunnen waarnemen:
het licht en de nacht,
de lucht die we inademen,
het water dat we drinken,
en alles wat kan dienen
om ons lichaam te voeden, te kleden, te verplegen en te sieren.
Dat alles heeft Hij gegeven
onder een volmaakt rechtvaardige voorwaarde.
Die luidt enerzijds
dat iedereen die deze dingen
op de juiste wijze gebruikt voor de vrede
iets hogers en beters zal ontvangen,
te weten de vrede van de onsterfelijkheid,
met de daarbij behorende roem en eer in een eeuwig leven,
waarin hij zal genieten van God
en van zijn naaste in God.
Maar anderzijds zal wie ze verkeerd gebruikt,
die gegeven dingen verliezen
en de betere niet ontvangen.

Augustinus, De stad Gods, XIX, 13
(Naar de vertaling van G. Wijdeveld)

Dit bericht is geplaatst in Teksten. Bookmark de permalink.

Geef een reactie