Nieuwe kansen op nieuwjaar

Lezingen: Jesaja 60, 1-6 en Matteüs 2, 1-12

De openbaring van de Driekoningen — dat Gods’ zoon te vinden is op een eenvoudige plaats tussen gewone mensen — wordt traditioneel gevierd op 6 januari. Maar dankzij het kerkelijk leesrooster is de reis van hun leven dit jaar 3 dagen korter geworden! Alles bij elkaar waren ze toch nog lang onderweg naar het licht. Het was geen weg zonder moeite, maar wel een weg die de moeite waard was, waar ze wijs van werden; daarom noemen we hen ook wel de ‘Drie wijzen’.

2010: een nieuw jaar, een nieuwe kans om op weg te gaan naar het licht en te groeien in wijsheid voor ieder persoonlijk, en voor ons als Boskapelgemeenschap. Ik hoop dat wij dit jaar in de veranderende omstandigheden onze plek zullen vinden.

Overweging

De wijzen uit het Oosten begonnen aan een lange reis. Een ster heeft hun verlangen gewekt, een verlangen naar nieuwe kansen, nieuw leven. Maar ze weten niet waar het licht van de ster hen brengt. De richting, de bestemming wordt pas gevonden door op weg te gaan.

Begin vorig jaar zijn wij als Boskapelgemeenschap ook aan een reis begonnen op-weg naar nieuwe kansen voor onze manier van kerk-zijn. Ons verlangen was dóór te gaan nu het convent van de augustijnen zou worden opgeheven. Maar we wisten absoluut nog niet waar we zouden uitkomen. Ook wij moesten al gaande wijzer worden.

Op weg gaan: het is het meest wijze wat ieder mens kan doen die opgesloten zit in zichzelf…, door verdriet overvallen, door verlies getroffen, door elkaar geschud vanwege ziekte, getergd door onzekerheid. Op weg gaan, níet blijven zitten waar je zit, níet blijven ronddraaien in een kringetje; dát is wijs.

De wijzen uit het Evangelie laten zich leiden door de ster van de pasgeboren Koning der Joden. In de oudheid leefde het geloof dat ieder mens zijn eigen ster had, die opging bij de geboorte en bij de dood weer verdween. Om te weten waar die pasgeboren koning is, gaan de wijzen, aangekomen in Jeruzalem, het aan koning Herodus vragen. Die laat het door de Schriftgeleerden nakijken en zij kunnen dan vertelen dat het Bethlehem is.

Hoe verschillend kunnen mensen op een boodschap reageren! De drie wijzen vinden het goed nieuws, nu weten ze waar de weg heen leidt. Herodus wordt bang voor zijn eigen hachje: een nieuwe koning betekent gevaar voor eigen heerschappij. Hij probeert controle te houden op wat er gebeurt.

Dat kennen wij ook: dat wij controle willen houden over de situatie. We doen het omdat we ons bedreigd voelen door wat zich onverwachts aandient en wat ons leven kan veranderen.

Dat hadden we als Boskapelgemeenschap ook vorig jaar. We hadden bedacht hoe het verder moest en wat daarvoor zou moeten gebeuren. Dat kennen we ook in ons persoonlijk leven. In ons hoofd zit een plan rondom dit of dat gebeuren en daar houden we aan vast, soms tegen beter weten in. Maar wie alles in eigen hand wilt houden, blokkeert nieuwe wegen en verkleint de wereld waarin hij leeft.

Wie had gedacht dat wij als Boskapelgemeenschap gereformeerde christenen op onze weg zouden tegenkomen die de kapel kochten, waardoor wij – náást hen – toch plek houden om door te gaan.
Wie had gedacht dat jij, na die en die mislukking, na die scheiding, na dat verlies, na die fout, na noem-maar-op, toch weer een nieuwe kans, nieuw leven zou krijgen?

Waar een deur sluit, zet God een venster open.

Hij gaat ons voor als een ster, de wijzen volgen Hem, en wie had gedacht dat zij de nieuwgeboren koning zouden vinden in een kind, op een achtengestelde plaats: een weerloze, machteloze in een stal! Is dat koninklijk, goddelijk?

Zo vaak zoekt macht macht, aanzien aanzien, vooraanstaanden vooraanstaanden, gaan gewichtigen om met mensen van gewicht. Híer wordt de wereld omgekeerd: machtigen worden wijs; ze zien het licht in een kind; ze zien toekomst in een machteloze.

Het is vreemd gesteld met onze God: Hij wordt zichtbaar in de mens zonder aanzien. God doet niet in cijfers en getallen, maar in verhalen van mens tot mens. Onder ons wil Hij wonen, weerloos tussen ons in.

De ontmoeting met het weerloze kind heeft de wijzen veranderd. Ze gaan niet meer terug naar de machteloze Herodus. Ze gaan langs een andere weg terug, omdat ze zelf anders zijn geworden. Wie eenmaal het teken van Kerstmis heeft verstaan, daalt af van zijn troon en ziet van hart tot hart.

Soms is het best moeilijk om je eigenwaan te doorbreken. Je hebt jezelf op een voetstuk geplaatst, gebouwd uit stenen van rijkdom, geleerdheid, macht. Maar wie geraakt wordt door God, die als een weerloos kind in je armen wordt gelegd, laat zijn masker vallen. Het masker dat je sterk deed lijken, maar je ook in een isolement bracht.

Daarom: doe als God en daal af:

durf opnieuw te beginnen;
durf klein te zijn;
durf de minste te zijn;
durf fouten toe te geven / durf te vergeven;
durf eenvoudig te zijn;
durf barmhartig te zijn;
durf te vertrouwen;
durf te huilen;
durf de ander nodig te hebben;
durf vriendschap te geven en te ontvangen
durf iemands sterke kanten te waarderen;
durf met je eigen talenten voor de dag te komen;
durf je geloof uit te dragen;
durf de ander te ontmoeten in zijn anders-zijn;
durf van elkaar te ontvangen!

Joost Koopmans osa

Dit bericht is geplaatst in Overwegingen. Bookmark de permalink.

Geef een reactie