Amnestyviering: recht en onrecht

Lezingen: tekstgedeelte uit In Quest of Democracy, Matteüs 5,1-12

Vandaag is het de jaarlijkse Amnesty-viering. Het thema van deze viering is: Recht en onrecht. Recht en onrecht zijn grote woorden. Ze staan zo recht overeind. Kunnen we ze eigenlijk wel gebruiken in deze tijd? We zijn ons nu zo bewust van de vele en onverwachte manieren waarop dingen samenhangen, dat het ene recht best wel eens onlosmakelijk verbonden kan zijn met het andere onrecht. En wat moet je dan? Kun je er dan nog wel voor kiezen? Toch klinkt de roep om gerechtigheid door de hele Bijbel heen, en ook buiten de Bijbel, in de hele wereld. Laten we vandaag naar die stem luisteren.

Het is vandaag ook de dag na 11 september. Een dag waarop negen jaar geleden de wereld geschokt werd. Een dag vol verdriet en woede. Een daad van onrecht, zogezegd in naam van de gerechtigheid. We hebben de slachtoffers herdacht. Laten we ook denken aan hen, wier lijden misbruikt werd om deze daad te rechtvaardigen. Mogen zij ware gerechtigheid vinden.

In de eerste lezing hoorden we de stem van Awng Ssan Soe Tsji, de onder huisarrest staande leidster van de grootste oppositiepartij in Myanmar, dat vroeger Birma heette. Zo noemt ze het zelf ook in die tekst, die nu al ruim twintig jaar geleden geschreven is. Een jaar nadat zij dit schreef, won haar partij 392 van de in totaal 489 zetels van het parlement. Dat is ruim 80 procent. De verkiezingen werden ongeldig verklaard door de zittende machthebbers, feitelijk een militaire dictatuur. Velen, een overgrote meerderheid in Myanmar, roepen nog steeds om gerechtigheid. Zijn ze op de goede weg?

Het protest in Birma, Myanmar, is boeddhistisch geïnspireerd, wat logisch is in een land waar 90% van de bevolking boeddhist is. Het lijkt daarom misschien niet zo verbazingwekkend dat het democratische verzet tegen de dictatuur voor het overgrote deel geweldloos is. Het wordt verbazingwekkend, en bewonderenswaardig, als je hoort of leest hoe vaak protesten al met geweld, en bruut geweld zijn neergeslagen. Het verzet is nog steeds geweldloos actief, en de actie van Amnesty die de Amnesty-groep na de viering aan u zal voorleggen is ter ondersteuning van enkele leden van dat verzet. Zullen ze verzadigd worden? Wie zal hen verzadigen?

Wat betekenen deze woorden, deze spreuken van Jezus? We kennen ze als de zaligsprekingen: Zalig zij die … . Zalig zij die hongeren en dorsten naar gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden. Deze woorden lichten we vandaag uit de reeks, omdat vandaag recht en onrecht centraal staan. En gerechtigheid is de bijbelse en algemeen menselijke opstelling ten opzichte van recht en onrecht. Het is beslist geen specifiek christelijk of joods begrip.

Gerechtigheid gaat over de ander. Het is: de ander geven wat hem toekomt. Het is: de ander behandelen zoals zij behandeld wil worden. Voor je eigen rechten strijden is geen gerechtigheid, ook niet als anderen voor dezelfde rechten voor zichzelf strijden. Het is pas gerechtigheid als het feit dat het je eigen recht is, ondergeschikt is, als je doorgaat of door zou gaan met strijden als je die rechten zelf al verworven hebt.

Gerechtigheid moet je dan ook doen. Je moet het zelf doen. Je kunt gerechtigheid niet uitbesteden. Het blijkt alleen maar uit je daden, uit de keuzes die je maakt. Dan gaat het niet alleen om zaken als de grote politiek en of bijzonder onderwijs nu wel of niet moet mogen. Dan gaat het ook om kleine dingen. Vooral kinderen maken je daarop attent: als de een iets mag en de ander mag het niet, dan krijg je dat te horen ook. Ook daar begint gerechtigheid, in elk geval voor de volwassenen. Als je kunt luisteren naar de burman die klaagt over een overhangende tak van een boom uit jouw tuin, als je middenin een ruzie diep ademhaalt en echt luistert, als de taken thuis op een bevredigende manier verdeeld kunnen worden, dan begint daar de gerechtigheid.

Overal waar je oog hebt voor het recht, het gelijk, de positie van de ander. Daar begint de gerechtigheid, jouw gerechtigheid. Dan ben je op de goede weg. Dat is niet altijd eenvoudig. Het is niet altijd gemakkelijk om te bepalen wat het recht, het gelijk, de positie van de ander is, vooral niet als dat botst met wat nog weer anderen toekomt. De oplossing is zo eenvoudig als hij moeilijk is: wees zo zorgvuldig mogelijk. Dan blijf je op de goede weg.

Maar dat is niet het hele verhaal. Als we goed luisteren heeft Jezus het niet over mensen die strijden voor gerechtigheid. Hij heeft het over mensen die snakken naar gerechtigheid. Díe zijn op de goede weg. Niet dat de strijders voor gerechtigheid niet op de goede weg zijn. Dat is duidelijk, want gerechtigheid is iets goeds en zij streven het na. Maar Jezus vraagt de aandacht voor iets anders, en voor anderen. Mensen die hartstochtelijk naar gerechtigheid verlangen … en blijkbaar kunnen ze niet meer dan verlangen.

Mensen die diep geraakt en getekend zijn door ongerechtigheid, zo diep dat ze alleen nog maar naar gerechtigheid kunnen verlangen, zoals mensen die hopeloos verdwaald zijn in de woestijn naar het water verlangen, maar het niet kunnen vinden. Zíj zijn op de goede weg, zegt Jezus.

Omdat zij op de goede weg zijn, wijzen ze anderen de weg: hier is hij, de goede weg, hier is het verlangen naar gerechtigheid. Als je hen tegenkomt, ben je op de goede weg. Als je oog krijgt voor wat anderen tekort komen, kóm je op de goede weg, omdat je naast hen gaat staan.

En zullen zij verzadigd worden? Wie zal hen verzadigen? Misschien kunnen wij daaraan een bijdrage leveren. Zo’n kleine bijdrage wordt na de viering van ons gevraagd. Of misschien moeten wij bekennen dat het ons niet lukt, dat ook onze bijdrage tekort schiet. Maar dan kunnen zij ons misschien wel iets geven, dat zij met ons kunnen delen: het verlangen naar gerechtigheid.

Op de goede weg.

Karel Peijnenborg

Dit bericht is geplaatst in Overwegingen. Bookmark de permalink.

Geef een reactie