Uitgenodigd voor het bruiloftsfeest

Lezing: Matteüs 22, 1-14

Ieder van ons wordt weleens uitgenodigd voor een bruiloft. Alleen de datum reserveren en aanwezig zijn is niet voldoende. Al maanden tevoren wordt gevraagd of je een aandeel wilt leveren aan het feest, via een gedicht, tekening, een liedje, een voordracht. Je kunt daar tegenop zien, omdat het tijd van je vraagt. Toch slaagt zo’n feest alleen maar dankzij de energie die we er samen insteken. Feest moet je mee-maken!

Jezus vraagt zijn toekomstvisioen vaak met een bruiloft. Een beeld om de saamhorigheid, de vreugde, de zorgeloosheid en de overvloed, die hem voor ogen staan voor die nieuwe wereld, te verbeelden. En ook hier zijn het de gasten die samen met de gastheer moeten zorgen, dat de opzet slaagt. Geen tijd? Geen inzet? De anderen moeten het maar doen? Het evangelie vertelt ons vandaag wat er dan gebeurt.

Overweging

Zouden wij dat doen? Een koninklijke uitnodiging voor een bruiloftsfeest afslaan? En erger nog: de dienaren die je komen inviteren zó aftuigen en doden? In zijn ijver om zijn toehoorders wakker te schudden gaat Mattheus wel erg hardhandig te werk! Ik kan me niet voorstellen dat iemand van ons zo bot zou zijn. Wij vinden het idee van Gods bruiloft met onze wereld — want daarover gaat het in de deze parabel — geen onzin. Daarom zijn we ook hier. Ondanks onze drukte, ons gezin, onze vrijetijdsverplichtingen en noem maar op, nemen wij vandaag deel een deze viering. Terwijl we gisteren misschien tot in de kleine uurtjes zijn uitgeweest, geven we toch acte de présence in onze gemeenschap. Een parabel wordt ons verteld met de bedoeling dat wij er zelf een plaatsje innemen. In wie herken ik me: in de onwillige bruiloftsgasten, in de genodigden van de straat, in de persoon zonder bruiloftskleed? Onwillig zijn wij niet, anders zaten we niet hier.

Ik denk dat onze rol meer ligt in het tweede gedeelte. Daar wordt gezegd dat de koning zijn feest niet laat verzieken door al die drukke lieden die geen tijd hebben voor het feest van Gods bedoelingen. In plaats daarvan wordt nu iedereen uitgenodigd. Ze hoeven zich nergens voor te schamen. Zo van de straat worden ze binnengeroepen. Er is geen tijd om zich te verkleden of op te knappen. Er wordt geen entreebewijs of legitimatie gevraagd. Ze mogen er allemaal zomaar in, zo kwaad of zo goed als ze zijn.

Ergens in dat bonte gezelschap moeten wij ons dus bevinden. Bij de goeden, of bij de slechten. Dat mag je zelf invullen.

Mattheus vertelt dit verhaal voor zijn gemeente. Er heerst daar een spanning tijdens de agapè-vieringen. Dat zijn de liefdesmaaltijden die de eerste christenen tot versterking van de onderlinge band en ter nagedachtenis aan het Paasmaal dat Jezus voor het laatst met zijn vrienden vierde. Die spanning wordt veroorzaakt door het feit dat zomaar iedereen mag aanschuiven. De werkers van het laatste uur net zo goed als degenen die de hitte van de dag gedragen hebben; de onderdanen net zo goed als de leiders; de armen net zo goed als de rijken; de slechten net zo goed als de goeden.

Het visioen dat Mattheus ons schildert over het Koninkrijk van God gaat over één groot gemeenschapsfeest, waar de vervloekte tweedeling van ”wij & zij ‘is opgeheven. De één zal zich gerespecteerd en welkom weten bij de ander. Niemand sluit een ander nog uit, niemand zal nog zichzelf afsluiten.

Ja maar: dan komt – óók bij mij- weer die vraag naar boven of het er dan helemaal niet toe doet hoe je leeft? Moet je nu zomaar iedereen accepteren aan tafel, ook de mens die echt slecht leeft? Een kleine legitimatie lijkt toch wel op zijn plaats?

Het lijkt of het verhaal ons op onze wenken bedient. De koning blijkt zijn ogen niet in zijn zak te hebben als hij binnenkomt om de gasten te zien. Want dan gebeurt er iets merkwaardigs. Hij blijkt op een of andere manier toch eisen te stellen aan de kleding van zijn gasten. En dat is vreemd als we weten dat ze zo van de straat zijn gehaald. Maar we hebben natuurlijk al lang in de gaten dat het hier niet gaat over de uiterlijke opsmuk. Kleding wordt hier bedoeld als de expressie van levensgedrag.

“Bekleed je met gerechtigheid”, zegt de profeet. “Bekleed je met de nieuwe mens”, zegt de apostel. “Ontvang het kleed van het nieuwe leven”, zeiden we tegen Tom, toen hij in de Paasnacht het doopkleed ontving. Augustinus zegt: “een goed geweten en een ongeveinsd geloof”.

De persoon die zonder bruiloftskleed is binnengekomen is blijkbaar iemand die in zijn doen en laten onverschillig staat in het grote gemeenschapsfeest van Gods bruiloft. Hij behoort tot degenen die wel een graantje willen meepikken, maar zelf geen bijdrage leveren aan het Koninkrijk van God. Uitgenodigd wordt iedereen, ongezien afkomst, ras of geloof. Maar als je de uitnodiging aanneemt, moet je jezelf ook helemaal dúrven geven, met hart en ziel. De uitnodiging is niet belastingvrij: het schept verplichtingen. Wie de uitnodiging aanneemt kan niet op zijn krent blijven zitten en profiteren van de inzet van anderen, zoals klaplopers dat doen. Wie de uitnodiging aanneemt moet het feest meemaken en gemeenschapsmens worden. Dat wil niet zeggen dat je niet mag zoeken en twijfelen, of dat je nooit eens zult falen. Het wil wel zeggen dat onze actieve medewerking wordt gevraagd voor een bloeiende wijngaard en een goede wereld voor alle mensen.

In zijn commentaar op dit evangelie zegt Augustinus dat de dienaren slechts moesten uitnodigen, goeden zowel als slechten. Onder dienaren verstaat hij hier de bedienaars van de Kerk. Zij moeten uitnodigen, niet oordelen, zoals in Jezus’ tijd de hogepriesters en de oudsten deden omdat ze dachten de sleutel tot het Koninkrijk in handen te hebben en zich zo de bevoegdheid aanmaten de deur dicht te gooien voor de slechten. Maar tegelijkertijd horen de bedienaars ook te wijzen op de consequenties die er zitten aan het accepteren van de uitnodiging: namelijk een passende kleding, dus een bijbehorend levensgedrag. Een storende houding of onverschilligheid dragen niet bij aan het feest van de gemeenschap. En als je eenmaal binnen bent, zul je daarop worden aangesproken.

Joost Koopmans osa

Dit bericht is geplaatst in Overwegingen. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *