Barmhartigheid, sta op in ons

Pasen; lezingen: Johannes 20, 1-10, Johannes 20, 11-18

Op weg naar Pasen hebben we dit jaar een zevenvoudig pad afgelegd, via de 7 panelen van Marjolijn Esser. Verteld en voorgegaan door de man uit Nazareth. Hij:

zag honger,
reikte een beker koud water aan,
zocht op,
troostte,
bracht thuis,
bekleedde naaktheid,
waakte in de doodsnacht.

Allen die op hem hun hoop gericht hadden, stonden verslagen en sprakeloos toen ze hoorden van zijn kruisdood: letterlijk het spoor bijster. Totdat… barmhartigheid opstond in henzelf, door de kracht van zijn woord en teken: “Doe wat ik gedaan heb, en je zult wonderen verrichten, groter dan ik.”

Barmhartigheid sta op in ons!

Overweging

“Waar is hij te vinden?” Petrus en Johannes zoeken. Hun vriend en rabbi is vermoord en weggestopt in een graf. Daarmee is ook al hun hoop begraven op beter leven. Ze zien alleen nog wat zwachtels en de zweetdoek van Jezus. Hijzelf is verdwenen. Onverrichterzake keren ze naar huis terug. Er ligt nog een zware steen voor hun hart. Het is nog nacht.

“Waar is Hij te vinden?” Maria Magdalena zoekt. Ze hield zoveel van Jezus, die haar had bevrijd van bezetenheid. Temidden van een eenzijdige mannencultuur had Hij haar een plek gegeven. Ze staat te huilen bij het graf. “Ik hou zoveel van hem, hoe daar nu mee om te gaan?” “I don’t know how to love Him.” Zij gaat niet naar huis. Zij wacht tot het donker voorbij is, zij wacht het nieuwe licht!

“Waar is Hij te vinden?” Wij zoeken. Want wij mogen dan wel gedoopt zijn en naar de kerk gaan, we zijn daarom nog geen bezitters van Jezus Christus. “Hou me niet vast!”, zegt Hij. “Maak geen dogma van me, geen wet. Maar ga naar mijn broeders en zusters en verkondig de blijde boodschap in woord en daad.”

Wij zijn geen bezitters, maar volgers van Jezus Christus. We zijn onderweg, en Hij gebeurt, telkens opnieuw, wanneer we handen en voeten geven aan Hem.

Er is iemand in ons midden, die zich, gisterenavond tijdens de Paaswake, op onze weg heeft aangesloten, die zich een christus-volger voelt en daarom een teken van bevestiging ontving door de doop en het vormsel. Over zijn zoektocht vertelt Tom, de 25 jarige dopeling, het volgende:

Mijn Doop

Alle begin is moeilijk zo ook geloven.Vroeger als kind was er voor mij alleen zwart of wit, niks in het midden, geen grijs, alleen ja of nee. En ik ben blij dat mijn ouders toen de keuze van mijn doop aan mij hebben gelaten. Zonder me er in te verdiepen had ik al wat geloof heet op voorhand afgedaan als onzin, Jezus als een dromer en God als een sprookje. Zoals je aan je kinderen ook verteld dat Sinterklaas bestaat en hen zegt dat als ze zoet blijven ze iets lekkers krijgen en als ze stout zijn de roe. Voor mij was God lange tijd de Sinterklaas voor de volwassenen en de kerk degene die ze voor de gek hield. En natuurlijk heeft de kerk in vroegere tijden God als een zoethoudertje gebruikt en dingen in de naam van de Vader gedaan die op zijn zachtst gezegd zeer onchristelijk waren.

Echter het onderscheid tussen de grote kerk en de kleine geloofsgemeenschap was mij toen volstrekt onbekend. Voor het gemak scheerde ik alles over een kam tot ik in de Boskapel kwam. Als bijna volwassene voor het eerst in 1998 bij het afscheid van mijn moeder en de keren erna toen ik bij pastor Joost Koopmans op de koffie ben gekomen om er over te praten. Ik geloofde toen nog niet en had de Bijbel nog nooit opengeslagen maar toch werd me meteen duidelijk dat de Boskapel totaal verschilde van het beeld dat ik van de kerk had.

Geloven is bij mij door de jaren gegroeid. Ik heb altijd al een fluister in mijn ziel gehad maar die iedere keer weg gerationaliseerd en genegeerd. Maar toen ik het dieptepunt van mijn leven bereikt had en door enkele chronische aandoeningen het leven eigelijk niet meer de moeite waard vond heb ik besloten om toch aan dat gevoel gehoor te geven. Meer dan wat dan ook heb ik troost en de kracht om door te gaan in de bijbel gevonden. Daarmee zijn de pijn en irritatie niet weg maar wel in een ander daglicht komen te staan. Het lezen over Jezus en hoe hij zich staande hield heeft een grote en positieve impact op mijn leven gehad. Ik wéét nog steeds niet of God bestaat en ook wéét ik niet of er een hel of een hemel is na dit leven. Maar toch praat ik iedere dag met God. Voor ik ga slapen lees ik de Bijbel en bid ik tot hem.

Is dit onlogisch? Misschien wel maar ik ben tot de conclusie gekomen dat geloven precies dat stukje meer is dan alleen zeker weten.

Geloven doe je niet alleen met je hoofd geloven doe je met je ook hart en met je ziel. Maar het alleen zijn met God vond ik op den duur erg leeg. Veel mensen zeggen “Ik heb de kerk niet nodig om te geloven”. Natuurlijk daar is geen speld tussen te krijgen. Zonder familie en vrienden kun je ook best leven maar of dat een prettig leven is, ik weet het niet. In ieder geval mij gaf het een leeg gevoel dat “ik alleen met God”. Daarom besloot ik contact op te nemen met Joost met de vraag of hij mij zou willen dopen. Voor mij is dit niet alleen het bevestigen van mijn geloof maar ook het toetreden tot deze geloofsgemeenschap. Want had ik de Boskapel niet gekend dan was het misschien toch alleen bij “ik en God gebleven”.

Dankzij Pastor Joost Koopmans heb ik echt vorm kunnen geven aan mijn geloof.

Toen ik pas bij Joost kwam zat ik vol met vragen en voor mij onverenigbare tegenstrijdigheden van bijvoorbeeld het dagelijkse leed op de wereld en het Christelijke beeld van God. Maar door samen te lezen en te praten over al deze dingen heeft hij mijn twijfels kunnen wegnemen. Na paar weken begonnen alle stukjes op zijn plaats te vallen en werd het beeld dat ik van God heb steeds scherper. Tot dat ineens het kwartje viel.

Maar waarom nu juist de verbondenheid met het Christendom? Er zijn immers zo veel geloofsstromingen. Die vraag heb ik mijzelf velen malen gesteld. Misschien verschilt u mening van de mijne aangaande het volgende maar ik geloof dat er maar één God is en dat verschil in religies voorkomt uit het feit dat mensen aan dezelfde God verschillende beelden toekennen en dat wellicht zij de weg naar deze God op een andere manier bewandelen. Maar elk beeld van God is op voorhand al onvolledig omdat God altijd veel meer is dan dat beeld alleen. God is niet in één hokje of in één religie te plaatsen.

Je kunt wel duizend boeken lezen over liefde en het symboliseren met rode hartjes en mooie rozen maar uiteindelijk is voelen toch de enige manier om liefde te ontdekken en te ervaren. Zo is het denk ik ook met God. Ik kan niet geloven dat alleen het oude volk van Israël het bij het rechte eind had en alle andere volkeren er naast zaten. Allemaal ontdekten zij ieder hun eigen stukje van de puzzel. Allemaal probeerden zij op hun manier deze ongrijpbare kracht van schepping en verbintenis een gezicht te geven. De een ziet God als een oerkracht die de wereld heeft geschapen en zo ons allen bindt, de ander ziet God als een entiteit, een hoger bewustzijn. Jezus op zijn beurt ervaarde God als een vaderfiguur. En in navolging van hem noemen wij God nu ook onze Vader.

Voor mij persoonlijk is dit beeld van God hetgeen waar ik me het meest bij aangesloten voel. Een vader figuur, iemand die over mij waakt en waaraan ik al mijn gebeden, dromen en angsten kwijt kan. Maar er is nog iets anders, een eigenschap intrinsiek aan het Christendom, welke mij ontzettend aangetrokken heeft. En dat is de manier waarop Christus leefde en vooral hoe hij begaan was met zijn naasten. Barmhartigheid en onvoorwaardelijke naastenliefde, iets wat in andere geloofsstromingen wellicht te weinig aan bod komt, zijn de fundamenten van het Christendom.

Naast kracht en spiritualiteit die ik opdoe uit de Bijbel en de vieringen van de Boskapel, probeer ik het Christelijke geloof ook een praktische wending te geven. Door de manier waarop Jezus leefde als een meetlat naast mijn eigen leven te leggen. Deze naastenliefde en barmhartigheid waar we het in de afgelopen zondagvieringen overgehad hebben als instrument om de wereld en wellicht nog meer om jezelf te verbeteren. De Boskapel was voor mij een logisch vervolg om dit gevoel te delen met anderen. Het gevoel van thuiskomen wat ik van veel Boskapellers heb gehoord is bij mij ook sterk aanwezig. Robin, een medenieuwkomer waar ik snel bevriend mee ben geraakt, wist het mooi te verwoorden. “In de Boskapel is geloven belangrijker dan het geloof.” En ik ervaar dat precies zo. De weg van Jezus en niet de wet van Jezus. De Boskapel staat zo fijn dicht bij de dagelijkse realiteit. Geen ver van je bed show maar het brengt het evangelie onder de mensen. De uitspraak: “God is onder de mensen” ervaar ik hier iedere zondag weer. Dankzij het vaste ritueel van “de koffie achteraf” is dit een hechte geloofsgemeenschap en de laatste weken heb ik gelukkig al een beetje kennis kunnen maken met de mensen hier.

Met mijn doop bevestig ik niet alleen mijn geloof naar God maar hoop ik ook volledig toe te kunnen treden tot deze geloofsgemeenschap. Tegelijkertijd is het een doorstart van mijn leven. Een nieuw pad ligt voor mij. Hierbij zou ik ten overstaan van jullie, mensen die geloven in God, in Jezus Christus, in de wereld en in elkaar, mijn doopgelofte willen afleggen:

“Ik geloof in God, de almachtige Vader, die de wereld, de natuur en zo ook ons geschapen heeft.

Ik geloof in Jezus Christus, Zoon van God, die voor ons en onze zonden gestorven is.

Ik geloof in de heilige geest, die ons leven verrijkt en omringt en een eenheid schept tussen alle mensen.”

(Joost Koopmans sloot af met de volgende woorden)

Dank voor je getuigenis Tom. Na jouw woorden gehoord te hebben, bevestig ik nogmaals dat je op de goede weg zit:

  • je durfde drempels op te ruimen, die van de oude gods- en kerkbeelden, en daardoor ging de steen rollen;
  • je hebt ‘geloven’ laten afdalen van je hoofd naar je hart, en daardoor kon je een hartelijke relatie leggen met God en Jezus Christus;
  • je wilde je geloof niet voor jezelf houden, maar beleven met anderen die geloven, die proberen te geloven in God, de wereld en elkaar;
  • je wilt niet abstract over hem praten, maar Hem beleven in de liefde voor elkaar, zoals Jezus ons daarin is voorgegaan tot het uiterste.

De steen is gaan rollen, daardoor is het lichter geworden in jou, ben je veranderd. Hij is in jou verrezen! Opgefrist door jouw getuigenis, willen ook wij opstaan en van ons geloof getuigen.

Joost Koopmans osa

Dit bericht is geplaatst in Overwegingen. Bookmark de permalink.

Geef een reactie