Achter iedere naam staat een mens

Allerheiligen, Allerzielen; lezing: Matteüs 5, 1-12

Mag ik u allen welkom heten, die vandaag met velen hier gekomen bent, om de namen hoog te houden van hen die ons dierbaar zijn.

Wanneer het herfst is, het blad van de bomen diepe kleuren krijgt en loslaat, de energie zich terugtrekt tot diep in de aarde om zich te beschermen tegen storm en kou, kruidige geuren optrekken, nevels en lange avonden stemmen tot milde melancholie, dan herfst het ook in mij.
Dan gedenken wij zo goed als we kunnen de eindeloze rij van mensen, die bonte stoet van hen die ons zijn voorgegaan: de heiligen van naam die te boek en op de kalender staan; de namen die ons heilig zijn van mensen die leefden midden onder ons, die straalden in eigen kring.

Allerheiligen en Allerzielen: een feest van verbondenheid tussen hemel en aarde.

Overweging

Mijn moeder is mijn naam vergeten,
mijn kind weet nog niet hoe ik heet,
hoe moet ik mij geborgen weten?

Noem mij, bevestig mijn bestaan,
laat mijn naam zijn als een keten.
Noem mij, noem mij, spreek mij aan,
o noem mij bij mijn diepste naam.

Voor wie ik liefheb, wil ik heten.

Treffend geeft dit gedicht van Neeltje Maria Min aan, dat de naam die een mens draagt, te maken heeft met zijn diepste wezen. Het vinden van een naam voor het kind dat je verwacht,
is voor ouders dan ook geen kwestie van willekeur. Die naam, die gekend en genoemd zal worden in de lange keten van geslacht op geslacht. Een naam die je verbindt met het verleden, een naam waarmee jij toekomst schrijft. Zo gaat elke naam zijn eigen verhaal vertellen.

Een mens krijgt een naam…
Een mens vindt zijn naam…
Een mens overleeft zijn naam…

Een indrukwekkend moment tijdens een uitvaart is, als de voorganger of familie na het In Memoriam de naam van de dierbare dode in het gedachtenisboek schrijft, met daaraan de bede gekoppeld, dat deze naam, door mensen met respect genoemd, nu voorgoed geschreven staat in het boek van het leven en in de palm van Gods hand.

Afschuwelijk is het dan ook, telkens weer als waar ter wereld ook, een massagraf wordt ontdekt.
Mensen naamloos ten onder gegaan, in het niets verdwenen, alsof ze niet hebben bestaan. Soms,
later, wordt dan het initiatief genomen, om alle namen van die verloren gewaande mensen te verzamelen en in een namenboek op te tekenen. De onwezenlijke massa in dat graf teruggebracht tot individuen. Naam voor naam liefdevol gerubriceerd en een voor een genoemd op een herdenkingsbijeenkomst.

Namen in herinnering roepen: het is een oeroud gebruik in vele culturen en godsdiensten. Ze hebben er recht op, onze voorouders. Alle gangmakers vóór ons: we leven en bouwen voort op hun schouders; hun leven en hun werk, ons fundament. Ze moeten erbij blijven horen, bij onze gemeenschap.

Zo kennen wij in onze traditie de litanie van alle heiligen. Daarin worden de namen genoemd van mensen die tot na hun dood lichtbakens zijn geweest voor hun medemensen, mensen in wie, soms ondanks zichzelf, iets oplichtte van God en het goddelijke. Zij zijn het die door Jezus in de acht Zaligsprekingen worden bevestigd. ‘Zalig, gelukkig, op de goede weg zijn zij, die ondanks uitbuiting, onderdrukking, armoede, ziekte, verdriet, verdachtmaking, ja ondanks alles, overeind zijn gebleven, en niet uit het oog verloren hebben, waar het wezenlijk om gaat’. Zo dadelijk zullen wij ónze, bij de tijd geschreven litanie van alle heiligen gaan uitspreken.

Maar vastgehecht aan Allerheiligen is Allerzielen, waarop we ook de namen noemen van hen die gestorven zijn in ons midden, en die zalig waren in eigen kring. En vooral denken we daarbij aan de doden van het afgelopen jaar. Met de intentie dat ze niet verdwijnen in een graf van voorbij of in de haast van onze wereld waarin verdriet snel voorbij moet zijn. Mogen gedenken, over de ander praten, herinneringen ophalen, verhalen vertellen, dat alles biedt troost.

Niet dat de herinneringen altijd alleen maar goed zijn. We hebben elkaar ook gekwetst, gemeden, we hebben gefaald…

Maar ook dat verdient aandacht en moet herdacht worden. Verdriet boosheid moet je niet inslikken, maar doorleven. Een luisterend oor en een goed gesprek kan je opluchten, en weer wat ruimte geven, dat voel je letterlijk aan je lijf.

Allerheiligen en Allerzielen: het zijn ónze dagen van namen noemen. Dat we dit hier samen doen, schept verbondenheid met elkaar als lotgenoten. Samen zijn we onderweg en niemand van ons is gespaard voor verdriet. Maar gedeeld verdriet kan anders worden. Omdat het samen gedragen wordt, wordt het dragelijker. Gedragen worden we ook door de lezingen en de liederen, de gebaren en de gebeden van deze viering.

Gaandeweg voel je dat er iets bijzonders in de lucht hangt. Je wordt geraakt door het Geheim.
Weet je gedragen door wie Zo Groot, Zo Goed…

Joost Koopmans

Dit bericht is geplaatst in Overwegingen. Bookmark de permalink.

1 Reactie naar Achter iedere naam staat een mens

  1. alfons schreef:

    prachtig. actueel nu ook al was de plaatsing een jaar geleden. welbedankt

Geef een reactie